Gemeentes kunnen kiezen tussen gebiedsspecifiek en generiek beleid voor het gebruik van de bodem. Gebiedsspecifiek beleid op grond van het besluit biedt onder andere de mogelijkheid om grootschalig grond te verzetten en te hergebruiken zonder analyses van de op te brengen grond en ontvangende bodem. Het is dan wel noodzakelijk om de actuele bodemkwaliteit te bepalen en een bodemkwaliteitskaart en bodembeheersplan op te stellen.
Het generieke beleid wordt van kracht als een lokale overheid geen gebiedsspecifiek beleid heeft opgesteld. Uitgangspunt van het generieke beleid is dat de kwaliteit moet aansluiten bij de functie van de bodem én dat de lokale bodemkwaliteit niet mag verslechteren: het standstill-beginsel. Een functieklassenkaart voor de bodemtypering is op grond van het Besluit verplicht. Grond die voldoet aan de kwaliteits- en functieklasse van de ontvangende bodem mag worden toegepast als zowel de op te brengen grond als de ontvangende bodem is onderzocht. Als er nog geen bodemfunctieklassenkaart is opgesteld dan moet de op te brengen grond schoon multifunctioneel toepasbaar zijn.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.4
Gebiedsspecifiek en generiek beleid
Onderdeel van Bodemfunctieklassenkaart Waalre