Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5: › Afdeling 5.

Artikel 5:30

Verbodsbepalingen reclame buitengebied

Onderdeel van Verordening Fysieke Leefomgeving gemeente Bergen (L) 2022

1.. Binnen het gebied zoals nader aangegeven op de bij deze afdeling behorende kaart, opgenomen in bijlage 3 van deze verordening, is het verboden om ten behoeve van reclame opschriften, aankondigingen, afbeeldingen, constructies ten behoeve daarvan, of kennelijk voor reclamedoeleinden gebezigde vervoersmiddelen (verder te noemen: reclame) te plaatsen of te doen plaatsen dan wel als eigenaar of andere zakelijk gerechtigde of gebruiker van enige onroerende zaak plaatsing toe te staan. 2.. Het in lid 1 vervatte verbod is niet van toepassing op reclame: die is aangebracht op een bedrijfsperceel voor zover deze reclame betrekking heeft op een aldaar uitgeoefend beroep, bedrijf of dienst; die is aangebracht op een wachtruimte bij een halteplaats voor het openbaar vervoer; aan of bij een onroerende zaak, waarbij deze te koop, te huur, of in pacht wordt aangeboden, voor zolang zij feitelijke betekenis heeft; in het inwendige deel van een onroerende zaak en niet zichtbaar van buitenaf; die is geplaatst op een terrein waar een openbare wedstrijd, manifestatie, evenement of tentoonstelling wordt gehouden, welke niet behoort tot de gebruikelijke commerciële uitoefening van een beroep, bedrijf of dienst, voor zolang zij feitelijke betekenis heeft en voor zover zij niet eerder dan twee weken daaraan voorafgaand is geplaatst; van tijdelijke aard, voor de verkoop van seizoensgebonden agrarische producten ter plaatse waar deze worden gekweekt; die betrekking heeft op een werk in uitvoering, mits zij onmiddellijk bij het werk is geplaatst en niet langer aanwezig is dan de uitvoering van dat werk duurt; die is aangebracht op borden, die voldoen aan de door de overheid gestelde regels ten aanzien van bewegwijzering; die betrekking heeft op het openbaren van gedachten en gevoelens als bedoeld in artikel 7, eerste lid van de Grondwet; op borden ten behoeve van een bedrijf indien deze niet op het bedrijfsperceel worden geplaatst en indien en voor zover aan de navolgende voorwaarden wordt voldaan: het bedrijf kan geen gebruik maken van bebording in het kader van de provinciale richtlijn Handboek Toeristische Bewegwijzering; het bedrijf mag ten hoogste twee borden plaatsen; borden mogen uitsluitend verwijzen naar het bedrijf dan wel producten van het bedrijf; borden mogen uitsluitend worden geplaatst binnen een straal van 500 meter van de grens van het bedrijfsperceel zoals is vastgelegd in het bestemmingsplan; borden mogen niet in de bestemming 'Natuur', 'Bos' of daarmee vergelijkbare bestemmingen in het bestemmingsplan worden geplaatst; borden mogen niet groter zijn dan 1.00 m²; het bedrijfsperceel moet zijn gelegen in het gebied waarvoor het in lid 1 geldende verbod van toepassing is; op bebording en/of aankondigen met een gezamenlijk oppervlak van ten hoogste 1.00 m² bij de oprit van een bedrijf indien en voor zover de oprit geen deel uitmaakt van het bedrijfsperceel; van tijdelijke aard ten behoeve van een openbare wedstrijd, manifestatie, evenement of tentoonstelling met een grootschalig karakter en als zodanig door het college erkend, voor zolang zij feitelijke betekenis heeft en voor zover zij niet eerder dan vier weken daaraan voorafgaand is geplaatst en voor zover een voor reclame gebruikt bord de omvang van 4 vierkante meter niet overstijgt. 3.. Het college is bevoegd de begrenzing van de gebieden, waarvoor het in lid 1 geldende verbod van toepassing is, te wijzigen dan wel de bepalingen in lid 2 uit te breiden. 4.. Indien toepassing van het bepaalde in dit artikel naar het oordeel van het college tot kennelijke onbillijkheid leidt, dan kan het college, al dan niet onder het stellen van voorwaarden, het bepaalde in lid 1 buiten toepassing verklaren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel