**1..** Het college neemt het leerlingenvervoer op als vast agendapunt in het OOGO.
**2..** Het college spant zich in om in het OOGO afspraken te maken met het samenwerkingsverband over:
de spreiding van het onderwijsaanbod binnen het samenwerkingsverband en de vervoersmogelijkheden die hieruit voortvloeien;
de deskundige die het college adviseert over de vervoersmogelijkheden van een leerling en het proces dat hierbij gevolgd wordt. De deskundige betrekt hierbij de zelfstandigheid, zelfredzaamheid en eigen kracht van ouders en leerling;
de manier waarop invulling wordt gegeven aan de verwijzing van de leerling naar de voor hem best passende school met dien verstande, dat slechts een vervoersvoorziening door het college wordt gegeven naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school;
de manier waarop scholen ondersteund kunnen worden in hun informatievoorziening over het leerlingenvervoer aan ouders;
de manier waarop vorm wordt gegeven aan een gezamenlijke verantwoordelijkheid om de vervoerskosten te beheersen;
de invulling en frequentie van een overleg als bedoeld in het derde lid.
**3..** Het college organiseert periodiek een uitvoerend overleg met het samenwerkingsverband. In dit overleg worden de volgende onderwerpen besproken:
de ontwikkelingen in het onderwijs, het gemeentelijk beleid leerlingenvervoer en het samenwerkingsverband;
de manier waarop situaties als genoemd in artikel 8, tweede lid, kunnen worden voorkomen, dan wel op te heffen en dit onderwijs bij de dichtstbijzijnde school van de onderwijssoort waarop de leerling is aangewezen, aangeboden kan worden.