1. Het college beoordeelt aan de hand van de individuele omstandigheden van het geval of de aanvrager geen uitzicht op inkomensverbetering heeft. Hierbij neemt het college in ieder geval in aanmerking:
a. de krachten en bekwaamheden van de aanvrager;
b. de inspanningen die de aanvrager heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen.
2. Belanghebbende wordt in elk geval geacht geen uitzicht op inkomensverbetering te hebben, indien hij is ingedeeld op trede 1, 2, 3 en 4 van de Participatieladder.
3. Belanghebbende wordt in elk geval geacht uitzicht op inkomensverbetering te hebben, indien hij inkomsten uit arbeid onder de inkomensgrens ontvangt, waarbij bewust voor een deeltijdbaan is gekozen, maar hij wel het potentieel heeft om zijn inkomen te verbeteren.
Artikel 4.
Zicht op inkomensverbetering
Onderdeel van Beleidsregels Individuele Inkomenstoeslag gemeente Pekela 2015