Vergunning APV
Voor het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg is op grond van art. 2:10 A APV een vergunning nodig van het college van burgemeester en wethouders. Het plaatsen van oplaadpalen of andere oplaadinfrastructuur wordt geacht te vallen onder ‘het is verboden zonder vergunning van het college de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan’.
Verkeersbesluit
Wanneer het college bereid is vergunning te verlenen voor het plaatsen van een oplaadpaal of andere oplaadinfrastructuur op of aan de weg, dan ligt het voor de hand dat het college de parkeerplaats(en) bij de oplaadvoorziening ook aanwijst als parkeerplaats voor alléén het opladen van elektrische voertuigen. Het college van burgemeester en wethouders kan hiertoe op grond van art. 18 Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) jo. art. 12 Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) een verkeersbesluit nemen. In zo’n verkeersbesluit wijst het college de betreffende parkeerplaats(en) door middel van het plaatsen van de verkeersbord E4 van bijlage 1 van het RVV 1990 met onderbord ‘opladen elektrische voertuigen’. De parkeerplaatsen dienen als zodanig herkenbaar te zijn (geen nadere inrichtingseisen). De bebording wordt geplaatst op kosten van de gemeente Oost Gelre. De parkeerplaats kan daarnaast worden gereserveerd voor een specifieke groep voertuigen (bijvoorbeeld elektrische deelauto), maar niet voor een specifiek kenteken.
Overige vergunningen / ontheffingen
Voor het aansluiten van oplaadpalen en/of andere oplaadinfrastructuur op het bestaande elektriciteitsnetwerk moet de aansluiting worden aangevraagd via www.aansluitingen.nl.
Artikel 2.
Juridisch kader
Onderdeel van Beleidsregels openbare oplaadinfrastructuur elektrische voertuigen gemeente Oost Gelre