Er vinden soms bouw- en/of graafwerkzaamheden nabij een (beschermd) houtopstand. Uitgangspunt is dat er geen omgevingsvergunning voor het vellen van dergelijke houtopstanden wordt verleend, maar dat er juist maatregelen worden getroffen ter bescherming van de houtopstand. Een voorbeeld maatregel is het houden van afstand tot de houtopstand ter bescherming van de wortels waarbij wordt uitgegaan van de kronenprojectie + 2,5 m. Aan de omgevingsvergunning kunnen daartoe voorschriften worden verbonden. Een voorschrift kan zijn de verplichting tot het opstellen en overleggen van een Bomen Effect Analyse (BEA). Een BEA laat zien welk effect de uitvoering van een bouw- of reconstructieplan zal hebben op de aanwezige bomen.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.2
Artikel 3.2.3
Bescherming van houtopstanden bij overige vergunningen
Onderdeel van Beleidskader Houtopstanden