Voor openstaande vorderingen wordt jaarlijks, als er aanleiding voor is, een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een beoordeling van vorderingen ouder dan drie maanden. Voor de openstaande vorderingen waarvan is komen vast te staan dat deze niet inbaar blijken, wordt de vordering ten laste van de voorziening geboekt. Het college zal hiertoe besluiten op grond van een ambtelijk voorstel.
Titel
Artikel 11.
Voorziening voor oninbare vorderingen
Onderdeel van Financiële verordening gemeente Brummen 2006