Naar hoofdinhoud
Burgemeester en wethouders kunnen een huisvestingsvergunning intrekken indien: de vergunninghouder de in de vergunning vermelde woonruimte niet binnen de bij de verlening van die vergunning gestelde termijn van twee maanden in gebruik heeft genomen; de vergunning is verleend op grond van door vergunninghouder verstrekte gegevens waarvan deze wist of redelijkerwijs diende te weten/kon vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren.

Rechtspraak bij dit artikel