Indien een bezwaarschrift tegen een aanslag voor gemeentelijke belastingen of tegen een WOZ-beschikking niet voldoet aan één van de vormvereisten als bedoeld in artikel 6:6 van de Awb (waaronder het ontbreken van een machtiging), dan geeft de heffingsambtenaar de indiener eenmalig een termijn van vier weken om dat verzuim te herstellen. Daarbij deelt de heffingsambtenaar mee dat hij het bezwaarschrift niet-ontvankelijk zal verklaren indien het verzuim niet binnen de termijn wordt hersteld.
In alle gevallen waarin het bezwaar niet-ontvankelijk is verklaard, wordt het bezwaarschrift, voor zover mogelijk, ambtshalve in behandeling genomen.
Indien een belasting niet wordt geheven bij wege van aanslag, maar op andere wijze, is het bepaalde in de leden 1 en 2 van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 3
Artikel 12
Artikel 12
Onderdeel van Beleidsregels gemeentelijke belastingen gemeente Eindhoven 2017