Naar hoofdinhoud

Artikel 1 Begripsbepalingen

Artikel 1 Begripsbepalingen

Onderdeel van Huisvestingsverordening Waalwijk 2022 – 2025

Deze verordening verstaat onder: Aanvrager: de eigenaar van de woonruimte of het woongebouw, waarvoor een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet wordt aangevraagd; Akte van levering: akte als bedoeld in artikel 89, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek; Bloed- of aanverwanten: 1e graad: (adoptie)ouders, (adoptie)kinderen. 2e graad: grootouders, kleinkinderen, broers en zussen; College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalwijk; Corporatie: toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19 van de Woningwet die feitelijk werkzaam is in de gemeente; Gemeente: gemeente Waalwijk; Huishouden: een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren; Mantelzorg: hulp als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; Omzetting (= kamerverhuur): het omzetten van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte, zoals bedoeld in artikel 21, aanhef en onder c, van de Huisvestingswet 2014; Onttrekking: het gebruiken van woonruimte voor een andere functie dan wonen; Onzelfstandige woonruimte: woonruimte waarbij keuken en/of toilet en/of douche worden gedeeld; Pand: de kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is; Wet: Huisvestingswet 2014; Woningvorming: verbouwen van een woonruimte tot twee of meer zelfstandige woonruimten, ook wel bouwkundige splitsing genoemd; Woongebouw: een aaneengesloten groep woonruimten die als eenheid is aangewezen; Woonruimte: besloten woonruimte die, al dan niet samen met andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door een huishouden; Zelfstandige woonruimte (= woning): woonruimte beschikkend over een eigen keuken, toilet en douche / bad.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel