Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 23.

Beleid verbonden partijen en paragraaf verbonden partijen

Onderdeel van Financiële verordening Gemeente Molenlanden 2022

In deze paragraaf neemt het college naast der verplichte onderdelen op grond van artikel 15 van het BBV in ieder geval op: de jaarlijkse actualisatie van de sturingsprofielen voor verbonden partijen conform hoofdstuk 3 van de Nota Verbonden Partijen; de stand van zaken met betrekking tot pluspakketten (taken die naast de wettelijke verplichting bij een verbonden partij belegd zijn); ontwikkelingen bij de verbonden partij die in het jaar van invloed gaan zijn. De basis voor de verbonden partijen zijn de algemene normen van goed bestuur. Het betreft de vijf normen: transparantie, democratische verantwoording, effectiviteit en efficiency; vraaggerichtheid; governance. Bij vraagstukken over het toetreden tot, oprichten van, uittreden uit of opheffen van een verbonden partij wordt: het voorstel getoetst aan de algemene normen van goed bestuur zoals opgenomen in lid 2 van dit artikel, waarbij de selectiecriteria uit de Nota Verbonden Partijen leidend zijn; de Nota Verbonden Partijen als kader gezien voor het te lopen proces. De gemeentelijke inspanning is erop gericht dat de planning- & controlcyclus van de gemeenschappelijke regeling optimaal aansluit op de gemeentelijke planning- & controlcyclus. Het college toetst de voorstellen van de verbonden partijen op de volgende aspecten: financiële aspecten, waarbij aangesloten wordt op het Provinciale toetsingskader voor verbonden partijen; beleidsmatige aspecten, waarbij wordt getoetst op basis van de (beleids)kaders die door de gemeenteraad van Molenlanden zijn vastgesteld; aspecten ten aanzien van de bestuursstructuur, sturingsmogelijkheden, bedrijfsvoering en governance, waarbij getoetst wordt op de Nota Verbonden Partijen en de algemene normen van goed bestuur zoals opgenomen in lid 2 van dit artikel. Wanneer door een verbonden partijen aan de gemeenteraad om een zienswijze of reactie wordt gevraagd, geldt dat: bij verbonden partijen met een hoog sturingsprofiel het college een concept-zienswijze/-reactie aan de raad voorlegt door middel van een raadsvoorstel; bij verbonden partijen met een gemiddeld sturingsprofiel het college verantwoordelijk is voor het opstellen en indienen van een zienswijze/reactie, met inachtneming dat de Verbonden Partijen-commissie geraadpleegd wordt wanneer het voorliggende stuk naar inschatting van het college in grote mate beleidsmatige of financiële effecten heeft; bij verbonden partijen met een laag sturingsprofiel het college verantwoordelijk is voor het opstellen en indienen van een zienswijze/reactie.

Rechtspraak bij dit artikel