Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6. › Paragraaf 6.3

Artikel 6.3.1.

Verjaring

Onderdeel van Beleidsnota illegaal grondgebruik

We onderscheiden twee vormen van verjaring, namelijk verkrijgende en bevrijdende verjaring. Verkrijgende (acquisitieve) verjaring treedt op als de grond gedurende 10 jaar onafgebroken en te goeder trouw in bezit is (art. 3:99BW). In de praktijk is er bij illegale inbezitneming van grond vrijwel nooit sprake van goede trouw. In geval van bezit te kwader trouw kan echter na een onafgebroken bezit van 20 jaar bevrijdende (extinctieve) verjaring aan de orde zijn. Na die termijn kan de oorspronkelijke rechthebbende de eigendom niet meer terug vorderen, zodat de bezitter als het ware bevrijd wordt van die vordering. Tevens is in het Burgerlijk Wetboek bepaald dat de bezitter na afloop van die termijn ook eigenaar wordt van de zaak. Bezit wordt verkregen door onder andere inbezitneming (art.3:112 BW). Inbezitneming is zich de feitelijke macht verschaffen over een goed (art.3:113 lid 1). Om te kunnen spreken van inbezitneming is het volgens de jurisprudentie niet voldoende dat “enkele op zichzelf staande machtsuitoefeningen” hebben plaatsgehad. De feiten en omstandigheden moeten ondubbelzinnig wijzen op de pretentie van eigendom. Daarvan kan sprake zijn indien het terrein is afgesloten door middel van een ondoordringbare haag, een hekwerk of schutting, zodat de grond niet meer toegankelijk is voor de gemeente of derden. Ook de bouw van opstallen op de grond kan op de pretentie van eigendom wijzen. Het enkel beplanten van de grond en het onderhouden daarvan zijn handelingen die op zichzelf nog niet hoeven te duiden op een eigendomspretentie. Gedurende een verjaringstermijn kan de rechthebbende, de gemeente, een rechtsvordering instellen om het bezit van de ander te beëindigen. De verjaring kan worden gestuit, onder meer door een daad van rechtsvervolging, door een schriftelijke aanmaning en door erkenning (art 316-318 boek 3 BW). Stuiting is het afbreken van de lopende verjaring. Na de dag waarop de verjaring is gestuit begint direct een nieuwe verjaringstermijn te lopen. Deze is dan 5 jaar, maar kan niet eerder eindigen dan op het moment dat de oorspronkelijke termijn zou zijn verstreken (art 3:319). Ook na erkenning begint er dus opnieuw een verjaringstermijn te lopen. Om dit te voorkomen zal er een koopovereenkomst of een huurovereenkomst dienen te worden afgesloten. Bij de verhuur van grond wordt jaarlijks gecontroleerd of de huurder nog gebruik gemaakt van het gehuurde. Als dit niet het geval is wordt met zijn opvolger bekeken of er een koop- of huurovereenkomst voor de desbetreffende grond wordt afgesloten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel