Met de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) wordt een nieuw stelsel van kwaliteitsborging (gefaseerd) ingevoerd waarbij private partijen zelf veel meer verantwoordelijkheid dragen. Om dit te realiseren worden de aansprakelijkheidsregels voor de bouwers aangescherpt en moeten private partijen zelf aantonen op welke wijze de kwaliteit van het bouwwerk wordt geborgd, ofwel ‘private kwaliteitsborging’. Hierdoor is het niet meer noodzakelijk dat de gemeente een Bouwbesluittoets uitvoert en toezicht houdt tijdens de uitvoering van (ver)bouwwerkzaamheden. Private kwaliteitsborgers nemen een deel van de taken van de gemeente over door zowel tijdens het ontwerp als uitvoering de kwaliteit te borgen van het bouwwerk, zodat het bouwwerk in de as-built situatie ten minste voldoet aan de bouwregelgeving. De gemeente blijft uiteindelijk nog wel verantwoordelijk voor welstand, ruimtelijke ordening en omgevingsveiligheid en dus niet meer voor de technische kwaliteit. Op 4 juli 2017 is de Wkb behandeld in de Eerste Kamer. Besluitvorming over deze wet is vooralsnog aangehouden, een nieuwe datum voor plenaire behandeling is nog niet bekend. Het is daardoor nog onduidelijk of en wanneer de wet inwerking treedt. Dit zal in elk geval niet voor 1 januari 2019 zijn. Door deze onduidelijkheid is het lastig om goed te anticiperen op het eventueel vervallen van het toetsen en toezien op de eisen uit het Bouwbesluit.
Hoofdstuk 1. › Paragraaf 1.5
Artikel 1.5.1
Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
Onderdeel van Beleidsplan Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving WABO 2018-2021