Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.1

Artikel 4.1.2

Softdrugs in woningen en daarbij behorende erven

Onderdeel van Beleidsregel artikel 13b Opiumwet

Indien in woningen of bij woningen behorende erven drugshandel plaatsvindt ten aanzien van een middel als bedoeld in lijst II (softdrugs) met een handelsvoorraad van > 5 gram (al dan niet verkregen door teelt in dezelfde woning), ontvangen eigenaar, huurder en gebruiker een op schrift gestelde bestuurlijke waarschuwing. Deze waarschuwing geldt voor een termijn van 5 jaar. In afwijking van het voorgaande wordt bij constatering van een gevaarlijke situatie door de aanwezigheid van een hennepplantage van meer dan 5 stekjes of planten ook bij de eerste constatering al besloten tot een sluiting van 3 maanden. Dit omdat het enige tijd kost voor een dergelijke plantage volledig ontmanteld is en het bovendien bekend is dat (bijvoorbeeld) elektrische installaties vaak onveilig zijn door het grote vermogen dat de plantage vraagt. Om de veiligheid van bewoners van de woning en de (eventuele) buren te beschermen kan de woning onmiddellijk worden gesloten. Bij een 2de constatering binnen vijf jaar na de eerste constatering in een woning of bij woningen behorende erven vindt er een sluiting plaats van 6 maanden. Bij een 3de constatering binnen vijf jaar na de tweede constatering vindt er een sluiting plaats van 12 maanden en bij een 4de overtreding binnen vijf jaar na de derde constatering, een sluiting voor onbepaalde tijd. Overtreding: In een woning en bijbehorende erven wordt softdrugs geconstateerd met een handelsvoorraad van > 5 gram. Maatregel: 1e constatering: afhankelijk van de omstandigheden van het geval een waarschuwing voor 5 jaar of 3 maanden sluiting 2e constatering binnen 5 jaar: 6 maanden sluiting 3e constatering binnen 5 jaar: 12 maanden sluiting 4e constatering binnen 5 jaar: sluiting voor onbepaalde tijd

Rechtspraak bij dit artikel