Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 12

Algemeen toetsings- en afwegingskader

Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp gemeente Smallingerland 2022

1.. Een jeugdige en/of zijn ouders komen in aanmerking voor een individuele voorziening als: De jeugdige op eigen kracht, of met zijn ouders of andere personen uit zijn naaste omgeving, geen oplossing voor zijn hulpvraag kan vinden. Hierbij wordt gekeken naar welke hulp, in algemene zin, gebruikelijk is voor ouders om aan hun kind te bieden. Dit wordt gedaan door de volgende onderwerpen te wegen: De aard van de benodigde ondersteuning. De mate van planbaarheid en uitstelbaarheid van de benodigde ondersteuning en de momenten van de dag waarop dit geboden wordt. De frequentie en omvang van de benodigde ondersteuning. De duur van de benodigde ondersteuning. De leeftijd en de ontwikkelingsfase van de jeugdige. Er wordt daarbij uitgegaan van een bandbreedte in de normale ontwikkeling. Er wordt rekening gehouden met de verschillen die in de ontwikkeling bestaan bij kinderen in dezelfde leeftijdscategorie. Gebruikelijke hulp is niet of in mindere mate van toepassing als uit onderzoek blijkt dat de ouder(s) niet in staat is om (een aantal) taken over te nemen vanwege: (langdurige) Fysieke afwezigheid. De beperking of beperkte leerbaarheid. (dreigende) Overbelasting, waarbij het evenwicht tussen draagkracht en draaglast onder spanning staat. er geen oplossing gevonden kan worden voor zijn hulpvraag door, al dan niet gedeeltelijk, gebruik te maken van een vrij toegankelijke of algemene voorziening, of; Er geen oplossing gevonden kan worden voor zijn hulpvraag door, al dan niet gedeeltelijk, gebruik te maken van voorzieningen die beschikbaar zijn op grond van voorliggende wetten. 2.. Voordat het college beslist over (de verlening van) een individuele voorziening kan het college advies inroepen in van een door het college aan te wijzen onafhankelijk (medisch) adviseur. 3.. Om te bepalen welke vorm van ondersteuning voor de jeugdige en/of ouder(s) toegankelijk en passend is, worden naast de toetsing en weging tevens de volgende uitgangspunten gehanteerd: Ondersteuning vanuit het eigen sociaal netwerk of met inzet van vrijwilligers waar mogelijk, professionele ondersteuning alleen indien noodzakelijk. Een lichte vorm van ondersteuning waar mogelijk, een zwaardere vorm van ondersteuning alleen indien noodzakelijk. Kortdurende ondersteuning waar mogelijk, langdurige ondersteuning alleen indien noodzakelijk. Ambulante ondersteuning ten behoeve van het thuis (kunnen blijven) wonen waar mogelijk, ondersteuning met verblijf alleen indien noodzakelijk. Een verblijf in een gezinssituatie (pleegzorg of gezinshuis) waar mogelijk, verblijf in een instelling alleen indien noodzakelijk. Ondersteuning dichtbij het eigen sociaal netwerk waar mogelijk, ondersteuning op afstand van het sociaal netwerk alleen indien noodzakelijk. Ondersteuning middels groepsaanbod waar mogelijk, individuele ondersteuning alleen indien noodzakelijk. 4.. Goedkoopst adequate voorziening: de mate waarin de voorziening voor de jeugdige en/of ouder(s) duurzaam bijdraagt aan het behalen van het resultaat 5.. Iedere casus is verschillend. Van belang is dat men er in de overweging rekening mee houdt dat het toewijzen van zorg maatwerk is, en dat soms een uitzondering gemaakt dient te worden op bestaande regels.

Rechtspraak bij dit artikel