**1..** De belasting wordt niet geheven ter zake van:
voorwerpen ten behoeve van percelen, waarvan de gemeente krachtens eigendom, bezit of beperkt recht de genothebbende is, met uitzondering van die percelen, waarin de gemeentebedrijven worden uitgeoefend en van die, welke aan derden zijn verhuurd;
voorwerpen welke ingevolge een wettelijk voorschrift moeten worden gedoogd;
buizen in de grond tot lozing van fecaliën, van huishoud- of van hemelwater;
voorwerpen, gebruikt voor activiteiten met een politiek, godsdienstig, geestelijk, wereldbeschouwelijk, sociaal, weldadig doel dan wel, voor zover geen sprake is van een directe of indirecte commerciële (neven)activiteit, voor activiteiten met een sportief, cultureel, recreatief of mediadoel;
voorwerpen op de openbare weg bij kleinschalige niet-commerciële buurtactiviteiten;
voorzieningen, aangebracht ten behoeve van mindervaliden, tot het toegankelijk maken van een eigendom;
**2..** De in hoofdstuk 2 van de tarieventabel opgenomen belasting wordt niet geheven indien de betreffende grond, hoewel de kosten daarvan in de koopsom van het aangrenzende bouwperceel zijn begrepen, eigendom van de gemeente blijft ten einde daarop van gemeentewege volgens het geldende bestemmingsplan, een grasperk, plantsoen of plein aan te leggen en te onderhouden.
Artikel 7
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting