Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 16

Uitvoering van materiële controles

Onderdeel van Beleidsregel toezicht en handhaving Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 Ede

1.. De materiële controle richt zich op zorgaanbieders en alle door hen geleverde en gedeclareerde zorgprestaties. Daarnaast kan de materiële controle zich richten op ondersteuning die is ingekocht door budgethouders door middel van een persoonsgebonden budget. 2.. De materiële controle richt zich op de declaraties die door de zorgaanbieder of cliënt zijn verantwoord en wordt uitgevoerd op de inhoud van de gedeclareerde hulp. Dit houdt in dat geverifieerd wordt: is de hulp daadwerkelijk geleverd en is de hulp in overeenstemming met de beschikking, inhoudende een recht op hulp of een voorziening. 3.. De materiële controle op doelmatigheid richt zich op de balans tussen geleverde zorgprestaties en kosten die door de zorgaanbieder of cliënt zijn verantwoord waarbij onder andere wordt beoordeeld of de geleverde zorgprestaties aansluiten bij de zorgvraag van cliënten. Bovendien kan het volgende worden nagegaan: het aantal cliënten; het aantal ondersteuningsuren; de zorgzwaarte; past de geleverde ondersteuning binnen de indicatie van cliënt; hoe verhoudt de geleverde ondersteuning van de zorgaanbieder zich ten opzichte van andere zorgaanbieders. 4.. De eisen voor doelmatigheid in het kader van een onderzoek naar kwaliteit, zijn omschreven in de verordening maatschappelijke ondersteuning Ede 2020.

Rechtspraak bij dit artikel