Artikel 10. Aangepaste schooltijden voor gehandicapte leerlingen
1. Een leerling die vanwege zijn handicap structureel aangepaste schooltijden heeft, wordt vervoerd op basis van de voor hem geldende aangepaste schooltijden. Deze schooltijden kunnen afwijken van de schoolgids of het periodieke rooster.
2. De bepalingen in deze paragraaf zijn niet van toepassing op gehandicapte leerlingen als bedoeld in het eerste lid.
Artikel 11. Gewijzigde schooltijden vanwege bijzondere activiteiten of aangelegenheden
1. Als de school de schooltijden wijzigt vanwege bijzondere activiteiten of aangelegenheden, wordt voor deze gewijzigde tijden geen aangepast vervoer ingezet.
2. In afwijking van het eerste lid kan wel aangepast vervoer worden ingezet als:
a. de gewijzigde schooltijd voor alle leerlingen geldt die gebruik maken van hetzelfde vervoermiddel; en
b. de vervoerder in staat is de gewijzigde schooltijd in te plannen in zijn vervoersplanning; en
c. er voor het college geen kosten aan het aangepast verbonden zijn buiten de gebruikelijke kosten.
3. Als de eerste schooldag van het schooljaar bestaat uit het ophalen van boeken en een daarmee samenhangend periodiek rooster, vindt aangepast vervoer plaats op basis van dit rooster.
4. De ouders of de meerderjarige handelingsbekwame leerling melden gewijzigde schooltijden als bedoeld in het eerste en derde lid minimaal drie werkdagen voorafgaand aan de gewijzigde schooltijd bij het college. Het college bespreekt met de vervoerder of deze aangepast vervoer kan aanbieden die aansluit op de gewijzigde schooltijd.
5. Als de ouders of de meerderjarige handelingsbekwame leerling niet voldoen aan de voorwaarde als bedoeld in het vierde lid, wordt geen aangepast vervoer ingezet.
Artikel 12. Gewijzigde schooltijden vanwege (te verwachten) weersomstandigheden
1. Als de school de schooltijden wijzigt in verband met de (verwachte) weersomstandigheden vindt aangepast vervoer op basis van de gewijzigde schooltijd alleen plaats als een gewijzigde schooltijd voor alle leerlingen in het vervoermiddel geldt.
2. De vervoerder beoordeelt of (verwachte) weersomstandigheden aanleiding zijn om het aangepast vervoer al dan niet aangepast aan te bieden.
Artikel 13. Doorgeven periodieke roosters
1. De bepalingen in dit artikel hebben uitsluitend betrekking op aangepast vervoer.
2. Ouders of de meerderjarige handelingsbekwame leerling geven aan het begin van het schooljaar het voor de leerling geldende periodieke rooster onmiddellijk na ontvangst door aan het college en de vervoerder.
3. Als tijdens het schooljaar de school een nieuw periodiek rooster hanteert, geven de ouders of de meerderjarige handelingsbekwame leerling minimaal drie werkdagen voorafgaand aan de inwerkingtreding van het rooster deze door aan het college en de vervoerder.
4. Als niet wordt voldaan aan de verplichtingen in het derde lid en als de vervoerder niet tijdig de noodzakelijke wijzigingen kan aanbrengen in zijn vervoersplanning, is het de vervoerder toegestaan de leerling voor maximaal de eerste drie schooldagen na ingang van het nieuwe periodieke rooster te vervoeren volgens het periodieke rooster dat aan het nieuwe periodieke rooster voorafging.
5. Als de ouders of de meerderjarige handelingsbekwame leerling vanwege overmacht niet kunnen voldoen aan de verplichtingen als bedoeld in het tweede en derde lid, spannen college en vervoerder zich in om zo snel mogelijk aangepast vervoer voor de leerling aan te bieden. Onder overmacht wordt in ieder geval verstaan dat de ouders of meerderjarige handelingsbekwame leerling niet binnen de in het derde lid genoemde termijn van de school het nieuwe periodieke rooster hebben ontvangen.
Artikel 14. Toetsdagen
Het aangepast vervoer van de leerling op toetsdagen vindt plaats op basis van het binnen de schooltijden in de schoolgids passende rooster voor deze toetsdagen. Artikel 12 is van overeenkomstige toepassing.
Artikel 15. Vervoer buiten de schooltijden
1. Aangepast vervoer wordt niet verstrekt buiten de schooltijden zoals deze zijn vastgelegd in de schoolgids. Artikel 12 is van overeenkomstige toepassing. Het college zet in ieder geval geen aangepast vervoer in als:
a. de leerling aan het begin of het einde van schooldag langer dan 10 minuten moeten nablijven en dit gevolgen heeft voor het vervoersschema van de vervoerder;
b. voor de leerling binnen het periodieke rooster lesuren uitvallen;
c. de leerling tussentijds dient te worden gebracht op opgehaald, bijvoorbeeld voor een afspraak bij de huisarts of tandarts.
2. Ouders zijn verantwoordelijk voor het vervoer van de leerling buiten de schooltijden zoals deze zijn vastgelegd in de schoolgids. Artikel 6, derde lid van de verordening is van overeenkomstige toepassing.
Artikel 16. Maximale wachttijd bij verschillende lesroosters
Als er binnen een school sprake is van verschillende lesroosters binnen de vaste schooltijden als bedoeld in artikel 13, tweede lid van de verordening, kan de vervoerder in zijn planning maximaal een wachttijd opnemen van twee lesuren voor leerlingen, om zodoende aan te sluiten op het reguliere leerlingenvervoer.
Artikel 3.
Schooltijden en wachttijden
Onderdeel van Beleidsregels bekostiging leerlingenvervoer gemeente Pekela 2022