In de Wet geluidhinder is aangegeven wie bevoegd is tot het vaststellen van een hogere grenswaarde.
Gemeente
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd hogere grenswaarden vast te stellen ten behoeve van de realisatie van geluidgevoelige bebouwing in de geluidzones van wegen, spoorbanen en industrieterreinen. Dit geldt ook voor geluidgevoelige bebouwing in de geluidzones van regionale bedrijfsterreinen, rijkswegen en provinciale wegen.
Daarnaast zijn burgemeester en wethouders bevoegd voor de vaststelling van hogere grenswaarden voor de aanleg en reconstructies van gemeentelijke wegen.
Gedeputeerde Staten
Gedeputeerde Staten zijn bevoegd een hogere grenswaarde vast te stellen, indien deze betrekking heeft op de aanleg of de wijziging van een geluidzone van een regionaal bedrijfsterrein, zoals aangewezen in de provinciale milieuverordening, de aanleg of wijziging van een hoofdspoorweg (buiten de invloed van de Tracewet) en de aanleg of reconstructie van een weg in beheer bij de Provincie of het Rijk.
Minister
De Minister is bevoegd tot het vaststellen van een hogere grenswaarde in het geval van gekoppelde sanering en reconstructie van een weg of bij wijziging van een spoorweg. Bij de wijziging van een spoorweg is de Minister zelfs bevoegd tot het vaststellen van hogere grenswaarde voor alle woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen langs het betreffende baanvak, ook als het geen saneringssituatie betreft. Ook voor projecten die vallen binnen het regime van de Tracewet is de Minister het bevoegd gezag voor vaststelling van de hogere grenswaarde.
Hoofdstuk 7
Artikel 7.1
Bevoegdheden
Onderdeel van Beleidsregel Hogere geluidgrenswaarden Afdeling Bouwen en Milieu, eenheid milieu