Naar hoofdinhoud

Artikel 13.

Verantwoordingseisen

Onderdeel van Subsidieregeling Opvang Rijnstreek 2023 – 2029

De verantwoording vindt plaats op twee momenten in het jaar. 1. Voor de vaststelling en verantwoording van subsidies zijn de artikelen 15 en 16 Asv van toepassing. 2. Onverminderd de verplichtingen van een subsidieontvanger als bedoeld in de Asv, verstrekt een subsidieontvanger op verzoek van het College inlichtingen waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor Subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de Subsidie verbonden verplichtingen. a. Uiterlijk 31 juli van het lopende Subsidietijdvak dient de subsidieontvanger een tussentijdse rapportage in. Deze rapportage dient een rekening en verantwoording over de verrichte activiteiten van het eerste half jaar te bevatten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten en een prognose voor het tweede halfjaar. b. Voor 1 april na het betreffende Subsidietijdvak dient de subsidieontvanger een eindverantwoording in, bestaande uit een inhoudelijk en financieel overzicht met een toelichting daarop. c. De verleende subsidiebedragen dienen zichtbaar te zijn opgenomen in de jaarrekening. d. Bij de verantwoording wordt jaarlijks door het College getoetst of de inkomsten van bestuurders voldoen aan de Wet Normering Topinkomens (WNT)-norm.

Rechtspraak bij dit artikel