Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5

Artikel 13

beëindiging

Onderdeel van Beleidsregels pilot perspectief traject jongvolwassenen (PTJ)

1.. Het College kan besluiten eenzijdig over te gaan tot beëindiging van de Schuldhulpverlening indien Cliënt niet of in onvoldoende mate zijn verplichtingen nakomt zoals vastgelegd in artikel 9, 10 en 11. Er zal niet eerder tot beëindiging worden overgegaan dan nadat Cliënt een redelijke hersteltermijn is geboden om alsnog aan zijn verplichtingen te voldoen. Als schuldeisers weigeren mee te werken, dan geldt deze hersteltermijn niet; 2.. Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, besluit het College tot beëindiging van het Perspectief Traject Jongvolwassene indien; het Perspectief Traject Jongvolwassenen succesvol is afgerond; het Perspectief Traject Jongvolwassenen omgezet wordt in een regulier schuldhulpverleningstraject. Dit kan gebeuren op verzoek van cliënt of door gewijzigde omstandigheden, en/of door het niet nakomen van verplichtingen door cliënt. Het beëindigingsbesluit valt samen met de instroom in een regulier schuldhulpverleningstraject. het Perspectief Traject Jongvolwassenen omgezet wordt in een hulptraject dat valt onder de Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP). Dit kan gebeuren op verzoek van cliënt, of door gewijzigde omstandigheden, en/of door het niet nakomen van de verplichtingen door cliënt. op grond van onjuiste gegevens het Perspectief Traject Jongvolwassenen aan cliënt is toegekend, terwijl indien dit ten tijde van de besluitvorming bekend was geweest bij het College, een andere beslissing zou zijn genomen; Cliënt zich ten opzichte van de medewerkers, belast met werkzaamheden die voortkomen uit het Perspectief Traject Jongvolwassenen, misdraagt; de cliënt zijn beschikbare afloscapaciteit niet (meer) wil gebruiken ter delging van zijn schulden; geboden hulpverlening, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de Cliënt, niet (langer) passend is; daarbij kan, niet uitsluitend, gedacht worden aan: cliënt, door gewijzigde omstandigheden, in staat wordt geacht om zijn schulden zelf te regelen, al dan niet met behulp van derden, dan wel in staat is de schulden zelfstandig te beheren; de inkomens-, woon- of leefsituatie van verzoeker dermate onzeker is geworden dat Schuldhulpverlening (tijdelijk) niet meer mogelijk is; Door omstandigheden de cliënt beter op zijn plek is binnen de WSNP of reguliere schuldhulpverlening (zie sub b en c) Cliënt zelf daartoe een verzoek indient; er sprake is van het opzettelijk achterhouden van informatie; Er sprake is van onrechtmatig gebruik.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel