Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.1

Situatie Soest

Onderdeel van Nota geluidbeleid

Circa 30% van de ruim 950 bedrijven in de gemeente was tot invoering van het Activiteitenbesluit per 1 januari 2008 vergunningplichtig. De verwachting is dat dit percentage door invoering van het Activiteitenbesluit afgenomen zal zijn tot 10 %. Grofweg bestaat het bedrijvenbestand uit technische bedrijven, agrarische bedrijven, kantoren, zorginstellingen, detailhandel, horeca- sport en recreatie-inrichtingen. In de gemeente Soest bevinden zich 3 gezoneerde bedrijventerreinen: Bedrijventerrein Soestdijk, de rioolwaterzuivering (Maatweg) en het schakelstation (Peter van de Breemerweg). De zone rond de voormalige vliegbasis is in het najaar van 2011, door de minister van Defensie opgeheven. In Soest zijn er tevens een aantal niet-gezoneerde bedrijventerreinen: de Grachten, Soesterberg­ Noord, Verder komen hier en daar wat bedrijvenclusters voor, zoals aan de Korte Brinkweg, de Lange Brinkweg, de Wieksloterweg/Dorresteinweg en langs de (voormalige) hoofdwegen. Tot slot liggen er binnen Soest een aantal defensieterreinen. Het voorkomen en beperken van geluidhinder Het voorkomen van geluidhinder kan op verschillende manieren. Het scheiden van functies Het voorkomen van de geluidhinder is in de eerste plaats vaak een kwestie van Ruimtelijke Ordening. Het scheiden van functies middels zonering is een methode die steeds meer wordt toegepast. Vooral in nieuwe situaties. De zonering geschiedt op basis van de uitgave 'bedrijven en milieuzonering' van het VNG. Maatregelen bij bedrijven Geluidhinder wordt voorkomen en beperkt door het opleggen van geluidsvoorschriften. De geluidsvoorschriften voor bedrijven (inrichtingen) warden opgelegd volgens twee regimes: door het uitgeven van omgevingsvergunningen voor de activiteit milieu voor individuele bedrijven 6f door de directe werking van regels die zijn opgenomen in het Activiteitenbesluit of een van de landbouw AmvB's. In het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer (Ivb) is beschreven onder welk van deze twee regimes een bedrijf valt. Voor het bepalen van de grenswaarden wordt de methodiek uit de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening (21 oktober 1998) toegepast. De handreiking is opgesteld als hulpmiddel voor overheden bij het voorkomen en beperken van hinder door industrielawaai in het kader van de vergunningverlening en het opstellen van maatwerkvoorschriften. De handreiking bevat richtwaarden voor geluid voor verschillende woonomgevingen: een landelijke omgeving, een rustige woonwijk met weinig verkeer en een woonwijk in de stad. De handreiking heeft geen formele juridische status, maar uit jurisprudentie blijkt dat de handreiking industrielawaai en vergunningverlening het juiste afwegingskader biedt voor de ruimtelijke inpassing van geluidsgevoelige bestemmingen en het geluid van bedrijven. Maatregelen aan gevoelige gebouwen In laatste instantie, als een te hoge geluidbelasting niet kan warden voorkomen, kunnen maatregelen aan woningen warden geëist. Sams kan warden volstaan met het toestaan van een hogere geluidbelasting op de gevel. Onderzoek Of bij een aanvraag of melding akoestisch onderzoek moet warden uitgevoerd, staat weergegeven in het Activiteitenbesluit. Bedrijven op een geluidgezoneerd bedrijventerrein moeten bij een melding in het kader van het Activiteitenbesluit altijd een akoestisch onderzoek uitvoeren. Ter onderbouwing van een vergunningaanvraag dient een akoestisch onderzoek te warden aangeleverd als dit verplicht is of anderszins akoestisch relevant. Dit laatste is ter beoordeling van het college van burgemeester en wethouders van Soest. De geluidsvoorschriften voor de meeste bedrijven die onder de werking van het Activiteiten besluit vallen, zijn standaard. Wei kan het college van burgemeester en wethouders, voor specifieke situaties, maatwerkvoorschriften op te leggen. Handhaving De handhaving van de voorschriften in de omgevingsvergunningen en het Activiteitenbesluit wordt door het Sb|G uitgevoerd op basis van het gewestelijke handhavingprotocol. Over het aantal en de aard van geluidscontroles worden jaarlijks met de gemeente afspraken vastgelegd. Als blijkt dat er klachten zijn worden twee sporen gevolgd: Uitvoeren van een controle; Indien nodig, warden nadere eisen gesteld aan het bedrijf; Geluidsvoorschriften warden niet standaard gecontroleerd; dit wordt pas gedaan als er klachten ontstaan. In afwijking hiervan wordt er twee maal per jaar een horecaronde gedaan waarbij geluidsmetingen plaatsvinden. Het Sb|G is niet gemandateerd tot het opleggen van een last onder dwangsom. Zonebeheer Op basis van jurisprudentie is gebleken dat het begrip "industrieterrein" uit de Wet geluidhinder, altijd te ruim is opgevat. Voor industrieterrein Soestdijk betekent deze uitspraak, dat het "industrieterrein" is beperkt tot de terreinen van TBS en Spanstaal. Dit betekent dat de Wet geluidhinder alleen nog op TBS en Spanstaal van toepassing is, terwijl noch TBS, noch Spanstaal vallen onder het begrip "grate lawaaimaker", zoals beschreven in art. 2.14 van het IVB. Om deze reden is besloten om de zone op te heffen, middels het bestemmingsplan de Soestdijkse Grachten. Dit Bestemmingsplan zal naar verwachting in 2012 warden vastgesteld. Het zonebeheer is derhalve niet meer zinvol.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel