Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 1.1

Urgentie

Onderdeel van Programma Energietransitie Soest 2020 - 2025

De opgave om de energietransitie in Soest in goede banen te leiden is een grote uitdaging. De gemeente Soest sluit met haar doelstelling voor de energietransitie aan bij de landelijke lijn. Daarmee wil Soest nagenoeg CO2-neutraal zijn in 2050. Om deze doelstelling te behalen is versnelling in de komende periode noodzakelijk. Maar waarom willen we CO2-neutraal worden? Op internationaal (Klimaatakkoord van Parijs), Europees, nationaal (Energieakkoord) en lokaal niveau zijn afspraken gemaakt om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, de negatieve gevolgen van klimaatverandering aan te pakken en duurzame energieopwekking te stimuleren. Hiernaast een samenvatting van de belangrijkste doelstellingen: In dit programmaplan werken we uit welke projecten wij gaan uitvoeren in de programmaperiode tot en met 2025 om onze bijdrage te leveren in de energietransitie. Het programma is adaptief. Als blijkt dat sommige projecten minder goed of juist beter werken dan gehoopt dan heroverwegen we de inzet samen met onze partners en in de programmaorganisatie. Klimaatakkoord Parijs 2015 Maximaal 2 graden Celsius temperatuurstijging t.o.v. het pre-industriële tijdperk. Europese Unie 80% reductie broeikasgassen en 75% duurzame energieopwekking in 2040 t.o.v. 1990. Nationaal Energieakkoord 14% duurzame energieopwekking in 2020 en 100% in 2050. Klimaatwet* 95% broeikasgasreductie in Nederland in 2050 t.o.v. 1990, 49% broeikasgasreductie in 2030 t.o.v. 1990, 100% CO2-neutrale elektriciteitsproductie in 2050. Klimaatakkoord Uitwerking Klimaatwet, bevat afspraken om de uitstoot van broeikasgassen tegen te gaan. Soest Doelstelling sluit aan bij landelijke lijn (Klimaatwet)* * Wanneer de landelijke doelstelling voor de energietransitie verandert, dan verandert de Soester doelstelling mee. Onzekerheid maar ook kansen De doelstellingen zijn helder. Tegelijkertijd realiseren we ons dat de energietransitie vol zit met onzekerheden: technisch, ruimtelijk, maar ook sociaal maatschappelijk. Dat betekent dat de gemeente niet alleen successen kan boeken. We moeten uitdagende trajecten in goede banen leiden en goed anticiperen op (eventuele) onrust bij inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Ook dat is onderdeel van een transitie. Van alle partijen worden immers grote investeringen en veranderingen verwacht. Investeren in energiebesparing en hernieuwbare energieopwekking is niet alleen goed voor het milieu, maar ook voor de Nederlandse en Soester economie. Het verbetert het concurrentievermogen van de bedrijven, verbetert het woonklimaat en vergroot het woongemak voor de inwoners van onze gemeente. Een transitie is per definitie niet op zekerheden gebaseerd en vraagt om lef, maar ook om realisme. In deze transitie plaatsen we het belangen van de inwoner en ondernemer in Soest centraal. De transitie moet haalbaar, betaalbaar en van ons allemaal zijn. We doen het samen Taskforce Energietransitie Op 4 juli 2019 is de Taskforce Energietransitie gestart. Dit is een groep vertegenwoordigers van inwoners, bedrijven, de mobiliteitssector en de gemeente. Samen sturen we op het behalen van het doel van dit programma. Vanuit de gemeente en vanuit de samenleving. Want ook de samenleving in Soest heeft zich gerealiseerd dat de energietransitie van ons allemaal is en dat we moeten samenwerken om de energietransitie mogelijk te maken in Soest. Voor het onderdeel wonen nemen Diana Paarlberg namens Portaal, Annelinda van Dijck namens de Alliantie en Menno Westveld namens het inwonerscollectief Energie Actief Soest zitting in de taskforce. Voor de pijler werken zijn dat Judith de Pagter, voorzitter van de Soester Zakenkring en Evert te Kate namens het Bedrijvenplatform Duurzaamheid. Voor ‘mobiliteit’ is dat Remco Dorrestein, eigenaar van Dorrestein Transport die tevens in de landelijke vereniging voor transporteurs in Nederland actief is. Namens de gemeente maakt wethouder Nermina Kundić onderdeel uit van de Taskforce. We zijn trots dat er vanuit de samenleving van Soest een taskforce is gerealiseerd waarmee we gezamenlijk kunnen sturen op de manier waarop we in Soest de energietransitie vormgeven. Juist vanuit het bedrijfsleven, wonen en mobiliteit. Heeft onze inzet in Soest wel nut? We zijn ervan overtuigd dat we met u en alle inwoners en ondernemers van Soest avonden in gesprek kunnen over nut en noodzaak van de inzet in Nederland om de negatieve gevolgen van de opwarming van de aarde tegen te gaan: Moeten we dat wel lokaal doen? Moeten we de Sahara niet eerst volleggen met zonnepanelen? Moeten we niet wachten op een “masterplan waterstof”? China bouwt nog kolencentrales,waarom zouden wij ons dan zo druk maken? In Duitsland stappen ze juist over op aardgas want dat is zo schoon, waarom willen wij er dan vanaf? Etc. etc. We kiezen er in dit programma voor om onze verantwoordelijkheid te nemen en de opdracht die we als gemeenten van het Rijk krijgen aan te nemen. Daar zijn keuzes gemaakt. Feit is dat niets doen geen optie is. Communicatie Bij de energietransitie zijn de ogen al snel gericht op communicatie. En dat is logisch. Want om beweging en verandering te creëren moeten we ons eerst bewust zijn van de noodzaak en daarna ook bereid en in staat om te veranderen. Vaak wordt gedacht dat kennis alleen voldoende is om ons gedrag aan te passen. Maar zelfs als je weet dat de aarde teveel opwarmt, betekent dat nog niet dat je automatisch zelf tot actie over gaat. Daar is meer voor nodig. En dat gaat verder dan alleen communiceren en participeren. Dat gaat ook over het in staat stellen, waarbij we ontzorgen en faciliteren. Het strategisch communicatieplan is opgenomen in bijlage 8. Monitoring We vinden het heel belangrijk om de voortgang van dit programma met al haar projecten te monitoren. Dat doen we op verschillende niveaus. Jaarlijks kunnen we de voortgang zien van de resultaten van CO2-uitstoot vermindering en energie-besparing in Soest per pijler in de landelijke Klimaatmonitor. Die cijfers lopen echter ongeveer twee jaar achter. Om ook tussentijds te kunnen sturen op de voortgang van de projecten definiëren we heldere en meetbare doelen (KPI’s) die aantoonbaar bijdragen aan de doelstelling van de betreffende pijler en of het hoofddoel die we monitoren. Financiën Voor het uitvoeren van de projecten in dit programma zijn middelen en capaciteit nodig. De gemeenteraad heeft in 2019 is een uitbreiding van de capaciteit voor het team Energietransitie gerealiseerd van 1 fte naar 3 fte. Daarnaast is een jaarlijks budget toegekend voor de uitvoering van de energietransitie. In de begroting in bijlage 9 is opgenomen hoe we de middelen per jaar inzetten. De inzet van onze partners is hier ook in verwerkt. De ambtelijke inzet vanuit het team Energietransitie is geborgd voor het uitvoeren van de projecten. Echter de programmatische aanpak vraagt ook om inzet van medewerkers vanuit de hele ambtelijke organisatie. In totaal gaat het om 1,5 fte in 2020 oplopend naar 2,5 fte in 2025. Het is nog niet zeker dat de gevraagde capa-citeit voor de ambtelijke organisatie buiten het team Energietransitie beschikbaar is. Dit is een risico voor de uitvoering van het programma en het behalen van de doelstellingen.

Rechtspraak bij dit artikel