Oorspronkelijk vormden de polderlinten de ontginningsassen voor de polders. Ze ontsloten de polders, gaven ruimte voor de bouw van boerderijen en waren de basis voor de verkaveling en het waterpatroon. De polderlinten waren onlosmakkelijk verbonden met het agrarische landschap. In de Haarlemmermeerpolder hebben zij een regelmatig patroon van langslinten en dwarslinten, in de noordelijke veenpolders vormen zij een grillig patroon in en om de veenpolders. In de Haarlemmermeerpolder hebben de langslinten (noord-zuid) en de dwarslinten (zuid-west) een andere opbouw.
De dwarslinten vallen samen met de dwarstochten en hebben een relatief waterrijk beeld, terwijl bij de langslinten de tochten tussen de polderwegen liggen. De bomen bevinden zich aan de westzijde van de wegen om geen schaduw op het land te krijgen, maar op de weg. De boerderijen liggen voornamelijk aan de langslinten. Omdat de boeren uit verschillende windstreken komen en ‘hun eigen boerderij meebrachten’ is er een grote variatie aan boerderijen. Ook hebben de polderlinten een belangrijke betekenis als ontmoetingsruimte, zoals oude foto’s laten zien. Met name op de kruisingen van de polderwegen waren van oudsher bijzondere gebouwen aanwezig, zoals een kerk of horeca. Het poldergrid heeft, zeker in verhouding tot oudere droogmakerijen als de Beemster, een karige opzet met steile taluds en eenzijdige beplanting.
De polderlinten in het noorden maken deel uit van het IJ-dijken en oer-IJ gebied en zijn de dijken om de veenpolders. Op de dijken bevinden zich de ontsluitingswegen. Tot op de dag van vandaag is het een heel open en waterrijk landschap, met alleen opgaande beplanting bij de erven en bij de recente bossen in de jonge IJpolders.
Kruisweg b/d Aalsmeerderwerg(Noord Hollands Archief- NL-HlmNHA_162_2512_049)
Ontwerp Haarlemmermeer 1867(Noord Hollands Archief, NL-HlmNHA_560_000127_K)
HOOFDVAART
LANGSLINT
DWARSLINT
POLDERDIJKEN
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2
Polderlinten als onderdeel van een agrarisch landschap
Onderdeel van Visie Polderlinten