Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2A

Artikel 2.20

Voorwaarden toekenning persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen

Onderdeel van VERORDENING WERK EN INKOMEN GEMEENTE ZWIJNDRECHT

Het college kan persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen verstrekken ten behoeve van een persoon met een arbeidsbeperking. Bij de toekenning van persoonlijke ondersteuning bij werk en overige voorzieningen gelden, de volgende voorwaarden: de persoon behoort tot de doelgroep als bedoeld in artikel 2.1 en is minimaal achttien jaar oud, tenzij hij Voortgezet Speciaal Onderwijs/Praktijk Onderwijs heeft genoten; de persoon kan zonder deze vorm van ondersteuning niet aan het arbeidsproces deelnemen; de werkgever biedt een dienstbetrekking aan van minimaal zes maanden, met een minimale arbeidsduur van 12 uur per week; het betreft geen Arbo-taak waarvoor de werkgever verantwoordelijk is; het betreft geen meeneembare voorziening als bedoeld in artikel 2.31 die tot de standaarduitrusting van de werkgever behoort of algemeen gebruikelijk is in een organisatie; er is naar het oordeel van het college geen sprake van een werkplekaanpassing die in zijn algemeenheid van de werkgever kan worden verlangd; en de kosten van de voorziening(en) zijn naar het oordeel van het college proportioneel, dat wil zeggen dat de investering in de voorziening moet opwegen tegen de (maatschappelijke) opbrengsten van uitstroom naar werk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel