Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7.

Artikel 7.3.

Overige verplichtingen van de subsidieontvanger

Onderdeel van Regionale algemene subsidieverordening sociaal domein

De subsidieontvanger informeert het college zo spoedig mogelijk schriftelijk over: besluiten of procedures die zijn gericht op de beëindiging van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, dan wel ontbinding van de rechtspersoon; relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische verhouding met derden; ontwikkelingen die er toe kunnen leiden dat aan de beschikking tot subsidieverlening verbonden voorwaarden geheel of gedeeltelijk niet kunnen worden nagekomen; wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van de rechtspersoon, de persoon van de bestuurder(s) en het doel van de rechtspersoon; handelingen als vermeld in artikel 4:71 Awb. Indien de jaarlijkse subsidiebeschikking meer bedraagt dan € 20.000,- per jaar dan is de subsidieontvanger verplicht een egalisatiereserve te vormen conform artikel 4:72 Awb. Indien het verstrekken van subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, is de subsidieontvanger in de gevallen zoals genoemd in artikel 4:41, lid 2 Awb, daarvoor een vergoeding verschuldigd aan het college. De vergoeding wordt bepaald naar evenredigheid van de mate waarin de subsidie aan de vermogensvorming heeft bijgedragen. Het college kan een lagere vergoeding vaststellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel