Naar hoofdinhoud
1.. De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of ten minste twee leden dit noodzakelijk acht(en). De commissie vergadert slechts indien meer dan de helft van het aantal leden aanwezig is. 2.. De voorzitter bepaalt de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering. De voorzitter doet van elke vergadering de aankondiging aan: de leden van de commissie, indien een adviseur aan de commissie is toegevoegd, de adviseur; de sollicitanten naar het ambt van burgemeester, elk voor zover met de betreffende sollicitant een gesprek plaats heeft; de burgemeester, voor zover met hem een gesprek plaats heeft. 3.. De in het tweede lid bedoelde oproeping geschiedt ten minste vierentwintig uur voorafgaand aan de vergadering. Indien bijzondere omstandigheden een spoedige bijeenkomst van de commissie vergen kan van de in de eerste volzin van dit lid bedoelde termijn worden afgeweken.

Rechtspraak bij dit artikel