Gereserveerde parkeerplaats
Bewoners die beschikken over een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder die maximaal 50m kunnen lopen komen altijd in aanmerking voor een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats;
Bewoners die beschikken over een gehandicaptenparkeerplaats bestuurder die tussen de 50 en 100m kunnen lopen, komen niet in aanmerking voor een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats, tenzij door de WMO-consultent bij het bepalen van de persoonlijke vervoersbehoefte de noodzaak voor een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats wordt geconstateerd;
Rolstoelafhankelijkheid door een houder van gehandicaptenparkeerkaart bestuurder leidt niet per definitie tot het in aanmerking komen voor een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats. Ook hierbij wordt door de WMO-consulent de persoonlijke vervoersbehoefte beoordeeld;
Bewoners met een gehandicaptenparkeerkaart passagier komen niet in aanmerking voor een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats.
Indien een bewoner een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder krijgt voor een periode korter dan 1 jaar, wordt ook aan de hand van de persoonlijke vervoersbehoefte door de WMO-consulent advies gegeven over het reserveren van een gehandicaptenparkeerplaats.
Algemene gehandicaptenparkeerplaatsen
Personen met een handicap kunnen in aanmerking komen voor een gehandicaptenparkeerkaart. Hiermee kunnen zij parkeren op de daarvoor aangegeven parkeerplaatsen. Tevens mogen zij onbeperkt parkeren op plaatsen waar voor anderen een beperkte parkeertijd geldt (parkeerschijfzone).
De richtlijnen (CROW) voor het aanbod van gehandicaptenparkeerplaatsen zijn:
Bij publieke voorzieningen zoals bioscoop, bibliotheek en gemeentehuis moet minimaal 5% van de parkeerplaatsen een algemene gehandicaptenparkeerplaats zijn. Deze parkeerplaatsen moeten zo dicht mogelijk bij de ingang van het gebouw te liggen (altijd minder dan 100 meter en bij voorkeur minimaal één op minder dan 50 meter).
Voor de overige openbare parkeerplaatsen minimaal één gehandicaptenparkeerplaats per 50 parkeerplaatsen op parkeerterreinen en in centrumgebieden.
Maatwerk naar behoefte bij speciale voorzieningen zoals ziekenhuizen, medische en maatschappelijke voorzieningen, woonwijken, verzorgingstehuizen, seniorwoningen. Gehandicaptenparkeerplaatsen worden naar behoefte uitgebreid. Een teveel aan gehandicaptenparkeerplaatsen leidt namelijk tot onnodige leegstand.
Voor de inrichting van een gehandicaptenparkeerplaats worden de CROW-richtlijnen gehanteerd: 3,50 x 5,00 m bij haaksparkeren en 3,50 x 6,00 m (7,5 m als achter wordt in- en uitgestapt) bij langsparkeren. Bij schuin parkeren neemt bedraagt de lengte 4,20 tot 5,15 m tussen 30o en 60o.
Hoofdstuk 7
Artikel 7.1
Personen met een beperking
Onderdeel van Uitwerking Parkeerbeleid Loon op Zand