Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Mandaatregeling Gemeente Ameland 2022

Het ligt voor de hand dat bij mandatering van een bevoegdheid ook de daarbij behorende handelingen, het voorbereiden, ondertekenen en afdoen van het besluit, door de gemandateerde worden verricht. Voorts houdt het mandaat in de bevoegdheid om het besluit te wijzigen, beëindigen, verlengen, in te trekken en op te zeggen. De mandaatgever kan bij mandaatverlening toestaan dat ondermandaat wordt verleend. Nu de verantwoordelijkheid voor de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheid bij het bestuursorgaan berust, ligt het voor de hand dat dit orgaan beslist of en in hoeverre het de gemandateerde toestaat deze bevoegdheden aan anderen op te dragen. Dit wordt nader aangegeven bij de verlening van het mandaat en als zodanig opgenomen in het mandaatregister. Voor ondermandaat gelden dezelfde bepalingen als voor mandaat. Ook bij ondermandaat wordt een besluit namens het bestuursorgaan genomen, dus niet namens de eerst gemandateerde. In dit artikel worden tevens grenzen gesteld aan de omvang van het mandaat, in die zin dat er situaties zijn waarin het mandaat niet mag worden uitgeoefend. Zo geldt het mandaat bijvoorbeeld niet indien er sprake is van een overschrijding van budgetten of er sprake is van een afwijking van het bestaande beleid, vastgestelde richtlijnen en/of voorschriften (bijvoorbeeld aanbestedingsbeleid). Hieronder wordt niet verstaan het afwijken van beleid op basis van en binnen de kaders van een in het beleid opgenomen afwijkingsmogelijkheid. Hieronder wordt evenmin verstaan het, in de gevallen dat de reguliere procedure van toepassing is, beslissen op een aanvraag om omgevingsvergunning voor een met het bestemmingsplan strijdige activiteit met toepassing van de in het bestemmingsplan opgenomen afwijkingsregels ofwel in de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen gevallen Van de gemandateerde wordt verwacht dat hij een inschatting kan maken in hoeverre er sprake is van een situatie als bedoeld in dit artikel, zodat alvorens van het mandaat gebruik gemaakt wordt consultering van de portefeuillehouder plaatsvindt en de mandaatgever desgewenst zelf gebruikt maakt van de gemandateerde bevoegdheid.

Rechtspraak bij dit artikel