Naar hoofdinhoud

Artikel 5.1.5.

Overige bepalingen

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Amsterdam

1. . Met het oog op het vaststellen van de financiële draagkracht gaat het college uit van het inkomen: over de drie kalendermaanden voorafgaand aan de bijzondere bijstandsaanvraag, als de aanvraag is gedaan door een aanvrager met sterk wisselende inkomsten, waaronder een aanvrager die als zelfstandige werkt; over het kalenderjaar voorafgaand aan de bijzondere bijstandsaanvraag, als de aanvraag is gedaan door een zelfstandige en de hoogte van de inkomsten niet in redelijkheid is af te leiden uit de opgave over de drie maanden voorafgaand aan de bijzondere bijstandsaanvraag; over de kalendermaand voorafgaand aan de bijzondere bijstandsaanvraag in andere gevallen dan die bedoeld onder a en b. 2. . Bij de draagkrachtberekening wordt alleen het inkomen en het vermogen van het individu of het gezin betrokken. Er wordt geen rekening gehouden met het inkomen en vermogen van andere inwoners of kostendelers.

Rechtspraak bij dit artikel