Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 6.4.1

Vervoersvoorziening

Onderdeel van Verordening sociaal domein Olst-Wijhe versie mei 2022

1.. De gemeente stemt de vervoersvoorziening af op de goedkoopste manier van reizen. Als de leerling naar school kan fietsen (eventueel met begeleiding), dan kunnen de ouder(s) een vergoeding krijgen voor het gebruik van de fiets. Kan de leerling niet fietsen naar school, dan kunnen de ouder(s) een vergoeding krijgen voor het ov. Ouder(s) kunnen gebruikmaken van aangepast vervoer als dat nodig is. Zij kunnen er in dat geval ook voor kiezen om de leerling zelf te vervoeren als zij daarvoor toestemming van de gemeente hebben. Dan hebben zij recht op een vergoeding die gebaseerd is op een kilometervergoeding voor vervoer met eigen auto. 2.. Bekostiging van het aangepast vervoer vindt plaats op standaard schooldagen en schooltijden, zoals deze zijn opgenomen in de schoolgids van de school die de leerling bezoekt. 3.. Aangepast vervoer is nodig in de volgende situaties: De leerling is met het ov meer dan anderhalf uur onderweg en de reistijd wordt met aangepast vervoer teruggebracht tot 50% van de reistijd met het ov. Ov naar school ontbreekt en de leerling kan niet met de fiets naar school (ook niet met begeleiding). De leerling kan niet begeleid worden door de ouder(s) of anderen of begeleiding heeft grote nadelen voor het gezin en een andere oplossing is niet mogelijk. De leerling heeft langdurige beperkingen waardoor hij niet met het ov kan reizen (ook niet met begeleiding). 4.. Als een begeleider meerdere kinderen begeleidt, dan beperkt de gemeente de vergoeding tot de reiskosten van één begeleider. 5.. De hoogte van een vergoeding van de gemeente is afhankelijk van de reisafstand naar de dichtstbijzijnde school binnen het samenwerkingsverband die bij de leerling past en waar plaats is voor de leerling, via de kortste veilige route op basis van de routeplanner van de ANWB. 6.. Als de ouder(s) recht hebben op andere (gedeeltelijke) vergoedingen voor de reiskosten van de leerling, trekt de gemeente deze vergoedingen af van de vergoeding die de gemeente geeft. Bij aangepast vervoer brengt de gemeente dan een bedrag bij de ouder(s) in rekening. Dit is de eigen bijdrage. 7.. De vergoeding van de gemeente voor het gebruik van een eigen vervoermiddel wordt berekend op basis van een kilometervergoeding voor dat vervoermiddel, afgeleid van de Reisregeling binnenland. 8.. Als ouder(s) meerdere kinderen tegelijk met de auto vervoeren, dan verstrekt de gemeente eenmaal de kilometervergoeding. 9.. Als aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening, kan de gemeente na overleg met de ouder(s) een bekostiging verstrekken voor een andere passende voorziening, die goedkoper is dan of gelijk is aan de kosten van het openbaar vervoer. 10.. De aanspraak op een toelage, voor zover die voor de leerling betrekking heeft op de reiskosten, wordt op een bekostiging in mindering gebracht, dan wel als eigen bijdrage in rekening gebracht. 11.. De gemeente kan aan de toekenning van een vervoersvoorziening nadere voorwaarden verbinden.

Rechtspraak bij dit artikel