Het Programma van Eisen voor het maken van een bodemkwaliteitskaart maakt onderscheid tussen een beleidsmatige onderbouwing (van het gebiedsspecifiek beleid) en een technisch-inhoudelijke onderbouwing van hoe de bodemkwaliteitskaart ‘onder de motorkap’ werkt.
Technisch-inhoudelijk heeft de bodemkwaliteitskaart de volgende specificaties:
De bodemkwaliteitskaart omvat het grondgebied van de gemeente Haarlemmermeer;
De volgende gebieden zijn uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart:
Het grondgebied van Schiphol;
De Rijkswegen (inclusief wegbermen): A200, A4, A44, A5 en A9;
De Provinciale wegen (inclusief wegbermen): N201, N205, N207, N232 en N520;
Gemeentelijke openbare wegen in de oude kernen (zone 2, 3A en 3) en polderwegen (buiten de bebouwde kom), inclusief wegbermen;
Spoorwegen en spoorgebonden gronden;
Locaties met of die verdacht zijn voor een sterke bodemverontreiniging;
Gesaneerde locaties in het kader van de Wet bodembescherming, inclusief gesaneerde locaties met een nazorgbeschikking;
Voormalige stortplaatsen (o.a. De Liede, Zichtweg Nieuw-Vennep, Golfbaan Nieuwe Meer);
Gebieden die te weinig gegevens bevatten (het venig buitengebied omgeving Vijfhuizen en Nieuwebrug, buitengebied Haarlemmerliede en Spaarnwoude).
De waterbodem.
De bodemkwaliteitskaart geldt voor de landbodemlaag van 0,0 tot 2,0 meter onder maaiveld. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in bovengrond (0,0 – 0,5 m-mv) en ondergrond (0,5 – 2,0 m-mv). De laag daar onder (de diepere ondergrond, dieper dan 2,0 m-mv) is alleen voor de zones 1, 1A en 2 gedefinieerd;
De bodemkwaliteitskaart is opgesteld voor de stoffen van het standaard NEN5740 stoffenpakket 2009: barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink, PCB's (som-7), PAK (som-10) en minerale olie;
De gegevens voor de bodemkwaliteitskaart zijn afkomstig uit het bodeminformatiesysteem Nazca van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied.
Voor beleidsmatige keuzes zijn de volgende specificaties meegegeven:
Eenduidig beleid, uitlegbaar en werkbaar, met duidelijke spelregels;
Een pragmatische aanpak, gericht op het faciliteren van de uitvoeringspraktijk;
Invulling geven aan deregulering en vermindering van de lasten voor de burgers;
Beleid dat is toegespitst op de ruimtelijke praktijk;
Preventie is belangrijk, zodat geen nieuwe verontreinigingen ontstaan;
Mogelijkheid voor hergebruik (zonder onderzoek) van licht/matig verontreinigde grond t/m klasse Industrie; (besparing op kosten voor onderzoek en transport).
Hoofdstuk 6
Artikel 6.1
Opstellen Programma van Eisen
Onderdeel van Nota Bodembeheer Gemeente Haarlemmermeer 2022