In de eerste maand na elk kwartaal, dat wil zeggen in de maanden januari, april, juli en oktober, legt de houder een tussentijdse verantwoording af over het gemiddelde gebruik van peuterplaatsen in het afgelopen kwartaal, uitgesplitst naar peuterplaatsen regulier, peuterplaatsen VVE en ouders met en zonder kinderopvangtoeslag, en de gemiddelde (netto) ouderbijdragen per maand voor ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag. Voor het indienen van deze kwartaalverantwoording kan het college een standaard bezettingsformulier vaststellen. Indien blijkt, dat het aantal geplaatste peuters 20% of meer afwijkt van het in de verleningsbeschikking opgenomen aantal, kan een heroverweging van de subsidie plaatsvinden. Mocht de heroverweging leiden tot een wijziging van de subsidieverlening, dan ontvangt de houder een vervangend besluit van het college.
Hoofdstuk 2.
Artikel 6
Inzicht in bezetting per kwartaal
Onderdeel van Nadere regels peuteropvang en VVE Beverwijk 2022