Volgens artikel 2.33, lid 2 onder a van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is het college van burgemeester en wethouders bevoegd om een omgevingsvergunning in te trekken als het bouwen langer dan 26 weken heeft stilgelegen.
Van deze bevoegdheid kan actief gebruik worden gemaakt. Dat betekent dat als het bouwen 26 weken stilligt de procedure tot het intrekken van de omgevingsvergunning kan worden opgestart.
Indien het werk 26 weken heeft stilgelegen wordt aan de vergunninghouder het voornemen van het intrekken van de vergunning bekendgemaakt volgens artikel 6 van deze beleidsregels.
Indien een zienswijze is ingediend wordt bekeken of de ingediende zienswijze aanleiding geeft tot het gunnen van een ruimere termijn waarbinnen weer gestart moet worden met het bouwen.
De termijn bedoeld onder d wordt naar redelijkheid en in het licht van het concrete geval bepaald , maar bedraagt niet meer dan 52 weken na het verzenden van het voornemen tot het intrekken van de omgevingsvergunning.
Artikel 3
Intrekkingsregeling bij stilleggen bouwwerkzaamheden
Onderdeel van Beleidsregels intrekken omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen gemeente Maashorst