De verlening vanuit de SMI-regeling voor een kinderopvangplaatsing wordt ingetrokken of beëindigd indien:
De kinderopvang niet meer plaatsvindt;
Een voorliggende voorziening meer passend is voor de situatie en/of de verlening vanuit de SMI-regeling niet langer adequaat of nodig is, dit kan ook tijdens de lopende beschikking gedaan worden;
Het kind volgens de BRP niet meer woonachtig is in de gemeente Den Helder;
De beschikking van de verlening vanuit de SMI-regeling is verlopen en geen nieuwe aanvraag is ingediend tot verlenging;
De ouder niet voldoet aan de in beschikking genoemde verplichtingen zoals benoemd in artikel 10 van deze beleidsregels;
De ouder in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid;
Artikel 9: