Naar hoofdinhoud

Artikel 1:

definities en begripsomschrijvingen

Onderdeel van Beleidsregels voor de aanwijzing van kenteken gebonden parkeerplaatsen

In deze beleidsregels wordt verstaan onder: Gehandicaptenparkeerkaart: parkeerkaart voor personen die ten gevolge van een aandoening of gebrek een aantoonbare loopbeperking hebben van langdurige aard, waardoor zij- met gebruikelijke hulpmiddelen- in redelijkheid niet instaat zijn zelfstandig een afstand van meer dan 100 meter aan een stuk te voet te overbruggen; Bestuurderskaart; gehandicaptenparkeerkaart voor een persoon die zich pleegt te vervoeren met een door hemzelf bestuurd motorvoertuig Passagierskaart: gehandicaptenparkeerkaart voor een persoon die in redelijkheid niet in staat is zich zelfstandig over een afstand van meer dan 100 meter aan één stuk te voet te overbruggen en voor het vervoer van deur tot deur afhankelijk is van de hulp van een bestuurder; Parkeren: het laten stilstaan, als bedoeld in artikel 1, onder ac van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; Motorvoertuigen: alle gemotoriseerde voertuigen zoals bedoeld in artikel 1, onder z van het Regelement verkeersregels en verkeerstekens 1990; Algemene gehandicaptenparkeerplaats: parkeerplaatsen voorzien van het verkeersbord E6, zoals bedoeld in bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, voor motorvoertuigen van alle personen die in het bezit zijn van een bestuurderskaart of motorvoertuigen waarmee personen vervoerd worden die in het bezit zijn van een passagierskaart; Kenteken gebonden gehandicaptenparkeerplaats: parkeerplaats voorzien van het bord E6, zoals bedoeld in bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en een onderbord met vermelding van een kenteken, voor één motorvoertuig van een persoon die in het bezit is van een bestuurderskaart.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel