**1..** De Bibob-toets start met een eigen onderzoek door het bestuursorgaan.
**2..** Het onderzoek naar het zich voordoen van de mate van gevaar als bedoeld in artikel 3 van de Wet Bibob bestaat uit:
Het beoordelen van de aanvraag tot het verlenen van een beschikking dan wel het beoordelen van een reeds verleende beschikking of het aangaan van een transactie en de daarbij overgelegde gegevens, mede aan de hand van het bij het bestuursorgaan bekende feiten en omstandigheden en;
Het verzamelen, bewerken en analyseren van informatie die, al dan niet door middel van de gegevens zoals vermeld in het Bibob-vragenformulier en bijbehorende bijlagen, is verstrekt door de betrokkene alsmede van gegevens die zijn verkregen uit informatiebronnen van de partners van het RIEC-samenwerkingsverband en andere bronnen die het bestuursorgaan op grond van de Wet Bibob kan raadplegen;
**3..** Indien het eigen onderzoek onvoldoende uitsluitsel geeft over de mate van gevaar, conform artikel 3 Wet Bibob, dan kan ingevolge van artikel 9 Wet Bibob advies worden ingewonnen bij het Landelijk Bureau Bibob.
Hoofdstuk 4
Artikel 4:3