De rechthebbende krijgt indien mogelijk zelf de gelegenheid om het pand veilig af te sluiten, tenzij de burgemeester deze gelegenheid gelet op het spoedeisend belang bij de sluiting niet kan geven of daartoe redenen zijn om dit door de burgemeester te laten uitvoeren.
De rechthebbende mag gedurende de sluitingsduur zonder toestemming van de burgemeester het gebouw niet betreden en openstellen voor derden.
De rechthebbende mag het aan het pand bevestigde bevel niet (laten) verwijderen.
Indien de burgemeester zelf toepassing geeft aan bestuursdwang, kan hij de kosten van de sluiting verhalen op de overtreder, tenzij bijzondere omstandigheden aanwezig zijn die nopen tot het geheel of gedeeltelijk afzien van kostenverhaal op de overtreder. Het is vaste jurisprudentie dat zowel de feitelijk overtreder als de rechthebbende (kan om dezelfde persoon gaan) een overtreder in de zin van de Awb kan zijn.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.12
Rechten en plichten van de rechthebbende
Onderdeel van Beleidslijn heling voor opkopers en handelaren in ongeregelde en gebruikte goederen gemeente Duiven 2022