Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 5

Zittingsduur en vacatures

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies gemeente Haarlem 2022

1.. De zittingsduur van een commissielid en commissievoorzitter eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad. 2.. Het voorzitterschap of het lidmaatschap van een commissie eindigt als: niet meer wordt voldaan aan de in artikel 4, zesde lid, gestelde eisen; de voorzitter of het lid ophoudt lid te zijn van de raad; de raad de voorzitter ontslaat of een andere voorzitter benoemt; een commissie ophoudt te bestaan. 3.. Het lidmaatschap van de commissie van een niet-raadslid eindigt: als de fractie waar het niet-raadslid geacht wordt deel van uit te maken, ophoudt een zelfstandige fractie te zijn; als de raad de toelating als niet-raadslid intrekt; als de fractie de benoeming als niet-raadslid intrekt; als het niet-raadslid niet meer voldoet aan de in artikel 4, zesde lid, gestelde vereisten; als het niet-raadslid een benoeming tot lid van de raad aanneemt; als de commissie ophoudt te bestaan. 4.. Een commissielid en commissievoorzitter kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd. 5.. Als door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel