Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2:1

Gebruik bodycam

Onderdeel van Beleidsregels toepassing bodycams gemeente Enkhuizen

1.. De buitengewoon opsporingsambtenaar of toezichthouder draagt de bodycam duidelijk en zichtbaar. 2.. Op het moment dat de buitengewoon opsporingsambtenaar of toezichthouder dit voor zijn of haar veiligheid, de veiligheid van betrokkenen of derden nodig acht, wordt de knop van de bodycam ingedrukt zodat een opname start. 3.. Bij opname van individuen maakt de buitengewoon opsporingsambtenaar of toezichthouder vooraf duidelijk kenbaar dat er opnamen worden gemaakt. 4.. Indien door de omstandigheden van het geval vooraf niet duidelijk kenbaar kan worden gemaakt dat er opnamen worden gemaakt en er direct gehandeld moet worden door de buitengewoon opsporingsambtenaar of toezichthouder, wordt de bodycam altijd direct aangezet. 5.. De buitengewoon opsporingsambtenaar of toezichthouder waarschuwt collega’s als er opnamen zijn gemaakt, waarbij zij (mogelijk) identificeerbaar in beeld komen. 6.. De bodycam wordt direct uitgezet, nadat de dreigende situatie voorbij is of er geen sprake (meer) is van escalatie.

Rechtspraak bij dit artikel