Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 9.

Geheel of gedeeltelijk afzien van terugvordering bij schulden

Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering Participatiewet, IOAW en IOAZ Sint-Michielsgestel 2019

1.. Onverminderd het bepaalde in artikel 60c van de Participatiewet en artikel 29a van de IOAW en IOAZ, verleent het college medewerking aan een schuldregeling indien: redelijkerwijs te voorzien is dat de betalingsplichtige niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden; en redelijkerwijs te voorzien is dat een schuldregeling met betrekking tot alle vorderingen van de overige schuldeisers zonder een zodanig besluit niet tot stand zal komen; en de vordering van de gemeente wegens teruggevorderde uitkering ten minste zal worden voldaan naar evenredigheid met de vorderingen van de schuldeisers van gelijke rang. 2.. Het eerste lid is overeenkomstig van toepassing voor een vordering, ontstaan als gevolg van een schending van de inlichtingenplicht, mits deze ontstaan is: vóór 1 januari 2013; of na 1 januari 2013 en ouder dan tien jaar is. 3.. Het eerste lid is niet van toepassing indien: de vordering ziet op uitkering die is verstrekt in de vorm van een geldlening op grond van het bepaalde in artikel 48, tweede lid, aanhef en onder b, van de Participatiewet; de vordering wordt gedekt door pand of hypotheek op een goed of goederen, behoudens voor zover de vordering niet op die goederen verhaald kan worden. 4.. Het besluit tot het geheel of gedeeltelijk afzien van terugvordering of van verdere terugvordering als bedoeld in het eerste lid treedt niet in werking voordat tussen het college en/of schuldeisers en betalingsplichtige een schuldregeling overeenkomstig het eerste lid tot stand is gekomen. 5.. Het besluit om medewerking te verlenen aan een schuldregeling wordt ingetrokken indien: niet binnen twaalf maanden nadat dat besluit is bekendgemaakt, een schuldregeling tot stand is gekomen die voldoet aan de eisen bedoeld in het eerste lid; de betalingsplichtige de aan de schuldregeling verbonden verplichting ondanks eerdere waarschuwing blijft schenden; dan wel onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid. 6.. Het verzoek tot medewerking aan een schuldregeling als bedoeld in lid 1 kan slechts worden ingediend door instanties en personen als vermeld in artikel 48 van de Wet op het consumentenkrediet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel