**11.1.** Voor wat betreft het aanwijzen van een gemeentelijk monument gelden de volgende beleidsregel(s):
het college kan, al dan niet op aanvraag van een belanghebbende, een object aanwijzen als gemeentelijk monument;
een besluit tot aanwijzing dient gebaseerd te zijn op een redengevende monumentenbeschrijving;
voordat het college het besluit neemt, wordt advies aan de monumentencommissie gevraagd. In spoedeisende gevallen kan dit advies achterwege blijven;
voordat het college het besluit neemt om, een monument met een religieus gebruik dat uitsluitend of in overwegende mate wordt gebruikt voor de uitoefening van de eredienst, als gemeentelijk monument aan te wijzen, wordt overleg gevoerd met de eigenaar;
de aanwijzing kan geen monument betreffen dat is aangewezen op grond van artikel 3.1 van de Erfgoedwet (voorheen artikel 3 van de Monumentenwet 1988).
Voor wat betreft het advies als bedoeld onder sub c) gelden de volgende termijnen:
De monumentencommissie adviseert schriftelijk binnen 8 weken na ontvangst van het verzoek van burgemeester en wethouders.
Burgemeester en wethouders beslissen binnen 12 weken na ontvangst van het advies van de monumentencommissie, maar in ieder geval binnen 20 weken na de adviesaanvraag.
De aanwijzing als bedoeld onder sub a) en sub b) wordt medegedeeld aan degenen die als zakelijk gerechtigden in de kadastrale legger bekend staan, aan de ingeschreven hypothecaire schuldeisers en, indien om aanwijzing is verzocht, aan de verzoeker.
Burgemeester en wethouders registreren het gemeentelijke monument op de gemeentelijke monumentenlijst zoals opgenomen in het Omgevingsplan 2016 en op de verbeelding van dit plan.
De gemeentelijke monumentenlijst bevat ten minste een beschrijving van het gemeentelijke monument.
**11.2.** Voor wat betreft het wijzigen van een aanwijzing van een gemeentelijk monument gelden de volgende beleidsregel(s):
het college kan, al dan niet op aanvraag van een belanghebbende, de aanwijzing van een object als gemeentelijk monument wijzigen;
een besluit tot wijziging van de aanwijzing dient gebaseerd te zijn op een redengevende monumentenbeschrijving;
voordat het college het besluit neemt, wordt advies aan de monumentencommissie gevraagd. In spoedeisende gevallen kan dit advies achterwege blijven;
voordat het college het besluit neemt tot wijziging van de aanwijzing van een object tot gemeentelijk monument, met een religieus gebruik dat uitsluitend of in overwegende mate wordt gebruikt voor de uitoefening van de eredienst, wordt overleg gevoerd met de eigenaar;
Voor wat betreft het advies als bedoeld onder sub c) gelden de volgende termijnen:
De monumentencommissie adviseert schriftelijk binnen 8 weken na ontvangst van het verzoek van burgemeester en wethouders.
Burgemeester en wethouders beslissen binnen 12 weken na ontvangst van het advies van de monumentencommissie, maar in ieder geval binnen 20 weken na de adviesaanvraag.
De wijziging als bedoeld onder sub a) en sub b) wordt medegedeeld aan degenen die als zakelijk gerechtigden in de kadastrale legger bekend staan, aan de ingeschreven hypothecaire schuldeisers en, indien om wijziging van de aanwijzing is verzocht, aan de verzoeker.
de inhoud en de datum van de wijziging worden op de gemeentelijke monumentenlijst in het Omgevingsplan 2016 aangetekend en zo nodig wordt het plan hierop aangepast.
**11.3.** Voor wat betreft het intrekken van een aanwijzing van een gemeentelijk monument gelden de volgende beleidsregel(s):
voordat het college het besluit neemt, wordt advies aan de monumentencommissie gevraagd. In spoedeisende gevallen kan dit advies achterwege blijven;
Voor wat betreft het advies als bedoeld onder sub a) gelden de volgende termijnen:
De monumentencommissie adviseert schriftelijk binnen 8 weken na ontvangst van het verzoek van burgemeester en wethouders.
Burgemeester en wethouders beslissen binnen 12 weken na ontvangst van het advies van de monumentencommissie, maar in ieder geval binnen 20 weken na de adviesaanvraag.
De intrekking als bedoeld onder sub a) en sub b) wordt medegedeeld aan degenen die als zakelijk gerechtigden in de kadastrale legger bekend staan, aan de ingeschreven hypothecaire schuldeisers en, indien om intrekking van de aanwijzing is verzocht, aan de verzoeker;
de intrekking wordt op de gemeentelijke monumentenlijst geregistreerd en zo nodig wordt het plan hierop aangepast.
**11.4.** Met ingang van de datum waarop de eigenaar van een zaak de kennisgeving van het voornemen tot (wijziging van de) aanwijzing als gemeentelijk monument ontvangt tot het moment dat de aanwijzing en registratie als bedoeld in artikel 11.1 of 11.2 plaatsvindt, dan wel vaststaat dat het monument niet wordt geregistreerd, zijn de bepalingen ter bescherming van het gemeentelijke monument, zoals opgenomen in het artikel ‘Gemeentelijke monumenten’ van het Omgevingsplan buitengebied 2016 van overeenkomstige toepassing.
Artikel 11.
Het aanwijzen, wijzigen van een aanwijzing of intrekken van een aanwijzing van een gemeentelijk monument
Onderdeel van Delegatiebesluit herziening van het bestemmingsplan “Omgevingsplan Buitengebied Boekel, 2016”