Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.5.5

Lokale Maximale Waarden hergebruik van nature arseenhoudende grond (bodemlaag 0-2 m-mv)

Onderdeel van Nota bodembeheer Regio Achterhoek

Achtergronden van nature arseenhoudende grond Kenmerkend voor de gemeenten in de regio Achterhoek is het plaatselijk voorkomen van (sterk) verhoogde gehalten in de grond. De (sterk) verhoogde gehalten hebben een natuurlijke oorzaak, maar zijn veelal boven de hergebruiksnormen voor grond uit de Regeling en/of de al vastgestelde toepassingsnormen door de gemeente (uit de eerder opgestelde nota bodembeheer) gelegen. Dit zorgt ervoor dat grond uit de gemeenten van de regio Achterhoek niet kan worden hergebruikt binnen de gemeenten. Verschillende normen voor arseen In tabel 2.2 is een overzicht opgenomen voor de vigerende normen voor arseen, uitgesplitst naar de verschillende functies en gebruikstypen. In bijlage 5 is een onderbouwing gegeven van de in de tabel benoemde normen. Tabel 2.2 Diverse arseennormen (in mg/kg ds) bij verschillende bodemfuncties. Bodemfunctie Ecologische risicowaarde Humane risicowaarde Toepassings-waarde generiek kader Besluit Interventie- waarde Landbouw 20 430 20 76 Natuur 27 2.600 Groen met natuurwaarden (recreatie, sport, parken 27 2.600 Wonen met tuin 27 430 27 Plaatsen waar kinderen spelen 27 560 Moestuin/volkstuin 27 97 Ander groen, bebouwing, infrastructuur, industrie 76 2.600 76 Beleid hergebruik van nature arseenhoudende grond De gemeenten, zijn van mening dat de generieke normen in de tabel te rigide zijn voor grond met van nature verhoogde arseenwaarden. Bovendien blijkt uit de tabel dat de normen op de ecologische risicowaarden zijn afgestemd, terwijl de humane risicowaarden vele malen hoger liggen. De gemeenten besluiten (onder de volgende voorwaarden) om het toepassen van grond met verhoogde arseengehalten toe te staan: • Bij het aantreffen van een ijzeroerlaag wordt de grond apart geplaatst en aanvullend onderzocht op het gehalte aan arseen. Het nemen van twee representatieve mengmonsters (elk 50 grepen) met een reguliere arseen-analyse is hiervoor voldoende. • Wanneer het gemiddelde arseengehalte gelijk is aan of lager is dan 430 mg/kg ds (standaardbodem; gehalte waarboven humane risico’s optreden bij het bodemgebruik ‘Wonen met tuin (en beperkte gewasconsumptie)’), dan mag de toepassing in de bodemlaag 0-2 m-mv plaatsvinden, mits voldaan wordt aan de (humane) risicowaarde. In de praktijk betekent dit dat de grond overal mag worden toegepast, behalve ter plaatse van moes-/volkstuinen. • Wanneer het gemiddelde arseengehalte van de onderzochte partij hoger is dan 430 mg/kg ds (standaardbodem; gehalte waarboven humane risico’s optreden bij het bodemgebruik ‘Wonen met tuin (en beperkte gewasconsumptie)’), is toepassing van de partij niet toegestaan en zal deze naar een erkende verwerker moeten worden afgevoerd. Kleine partijen van nature arseenhoudende grond kunnen eventueel naar een erkende verwerker worden afgevoerd. Bovenstaande voorwaarden zijn niet van toepassing als een partij grond verdacht wordt voor arseen als gevolg van menselijk handelen. Een voorbeeld hiervan is opgebracht vormzand afkomstig van ijzergieterijen.

Rechtspraak bij dit artikel