Alleen bomen met een goede toekomstverwachting dienen beschermd te worden middels de gemeentelijke lijst. De toekomstverwachting van de boom is afhankelijk van de actuele conditie en de groeiruimte ondergronds en bovengronds. Over het algemeen geldt dat bomen met een hogere levensverwachting meer bescherming verdienen dan bomen met een lage levensverwachting.
Conditie: de conditie van de boom is cruciaal voor de levensverwachting van een boom en dient te worden gescoord door een specialist. Hierbij wordt gekeken naar de bladbezetting en scheutlengte, eventuele ziektes en de algehele uitstraling van de boom. Nevenstaande afbeeldingen geven hiervan een indicatief beeld.
Conditie
punten
wegingsfactor
Sterk verminderd
-1 punten
3x
Verminderd
0 punten
Goed
1 punten
Groeiruimte: als een boom voldoende boven- en ondergrondse groeiruimte heeft dan draagt dit bij aan een hogere levensverwachting. Hierbij wordt gekeken naar de uiteindelijke omvang in relatie tot de afstand van bebouwing / objecten (bovengronds) en de grootte van de boom in relatie tot de beschikbare doorwortelbare ruimte (ondergronds).
Voor de beoordeling van de bovengrondse ruimte zijn onderstaande maten voor de meeste boomsoorten richtinggevend:
Boom 1e grootte: Afstand stam tot object minimaal 8 meter
Boom 2e grootte: Afstand stam tot object minimaal 5 meter
Boom 3e grootte: Afstand stam tot object minimaal 3 meter
Vooral voor de beoordeling van zuilvormige bomen dient een beoordeling op maat te worden gemaakt.
Voor het beoordelen van de kwaliteit van de ondergrondse groeiplaats dient een visuele inschatting gemaakt te worden van zowel de leeftijd van de boom als het aanwezige doorwortelbare volume grond. Als uitgangspunt wordt gehanteerd dat een boom minimaal 0,5 m3 kwalitatief goede groeiruimte per jaar nodig heeft om zich goed te kunnen ontwikkelen. Als aanname wordt gehanteerd dat het wortelgestel van bomen zich tot circa 1 meter diepte vrij kan ontwikkelen.
Daarbij gelden voor bomen van verschillende groottes de volgende streefleeftijden. Bij deze leeftijd heeft de boom zich doorgaans volledig ontwikkeld en heeft het wortelgestel zijn definitieve omvang bereikt:
Boom 1e grootte: 80 jaar (minimaal 40m3 groeiruimte, bijvoorbeeld 6,5 x 6,5 m.)
Boom 2e grootte: 60 jaar (minimaal 30 m3 groeiruimte, bijvoorbeeld 5,5 x 5,5 m.)
Boom 3e grootte: 30 jaar (minimaal 15m3 groeiruimte, bijvoorbeeld 4 x 4 m.)
Voor bomen die reeds deze streefleeftijd hebben bereikt en daarbij in goede conditie verkeren wordt geacht dat deze zonder voorbehoud een restlevensduur van minimaal 30 jaar hebben.
Groeiruimte
punten
wegingsfactor
Onvoldoende groeiruimte
-1 punten
5x
Beperkte groeiruimte
0 punten
Voldoende groeiruimte
1 punten
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.3
Toekomstverwachting
Onderdeel van Beleidskader groene kaart gemeente Oisterwijk