**1..** De looptijd van de leenbijstand is in beginsel maximaal 3 jaar of, bij niet volledige voldoening aan de aflossingsplicht, zoveel langer als nodig voor de terugbetaling van 36 volledige maanden. Als er na de aflossing van 36 volledig betaalde maandelijkse aflossingsbedragen nog een restant bestaat, dan wordt dit omgezet in bijstand om niet.
**2..** Van het omzetten van bijstand om niet, zoals bedoeld in lid 1, kan worden afgeweken als hij in de eerste 3 jaar nalatig is geweest met het aflossen van de lening.
**3..** Van lid 1 kan worden afgeweken als het vooruitzicht bestaat dat de belanghebbende op korte termijn een aanzienlijk hoger bedrag kan aflossen. De aflossing moet dan worden gedaan op het moment dat de middelen zijn ontvangen.
**4..** Als het vooruitzicht bestaat dat belanghebbende op korte termijn een aanzienlijk bedrag zal ontvangen dat kan worden aangewend ter afdoening van de schuld, dan moet de aflossing gedaan worden op het moment dat de middelen worden ontvangen.
**5..** In geval van lid 2 en 3 is de maximale aflossingstermijn 60 maanden.
**6..** De hoogte van de aflossing van de leenbijstand bedraagt 5% van de toepasselijke bijstandsnorm, vermeerderd met 35% van het inkomen dat boven de toepasselijke bijstandsnorm uitkomt. De aflossing bedraagt in alle gevallen niet meer dan het inkomen verminderd met de van toepassing zijnde beslagvrije voet.
**7..** Er is geen rente verschuldigd over de geldlening.
Hoofdstuk 2.
Artikel 6.
Looptijd, aflossing en rente bij geldlening of borgtocht
Onderdeel van Beleidsregel inkomensondersteuning gemeente Horst aan de Maas 2022