**1..** Van lagere algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan dan waarin de norm voorziet als gevolg van de woonsituatie is in ieder geval sprake:
bij het niet aanhouden van een woning;
bij bewoning van een woning waaraan geen woonkosten en/of woonlasten zijn verbonden;
als een derde de woonkosten en/of woonlasten betaalt.
**2..** De verlaging bedraagt 20% van de gehuwdennorm als een woning wordt bewoond waarvoor geen woonkosten én woonlasten verschuldigd zijn.
**3..** De verlaging bedraagt 10% van de gehuwdennorm als een woning wordt bewoond waarvoor alleen woonkosten óf woonlasten verschuldigd zijn.
Hoofdstuk 2.
Artikel 3.