**1..** In aanvulling op artikel 1.11 zijn aan de subsidie de volgende verplichtingen verbonden:
de begeleiding is planmatig, hetgeen inhoudt dat:
de bewoner een begeleider krijgt toegewezen;
in overleg met de bewoner een probleeminventarisatie is opgesteld;
in overleg met de bewoner een individueel en integraal begeleidingsplan is opgesteld;
de bewoner regelmatig face-to-face contact met de begeleider heeft;
de bewoner en de begeleider het begeleidingsplan evalueren voorafgaand aan de beëindiging of verlenging van het verblijf; en
minstens een maal per jaar een gesprek plaats vindt tussen begeleider en bewoner over de mogelijkheid tot doorstroom naar een voorziening met grotere zelfstandigheid.
de subsidieontvanger voert, periodiek en op verzoek van het college, cliënttevredenheidsonderzoeken uit;
de subsidieontvanger kent indien mogelijk de verblijfsplaats van de bewoner na beëindiging van het verblijf in de opvang;
de bewoner ontvangt voor zover van toepassing op de subsidiabele activiteit ten minste schriftelijke en mondelinge informatie over:
huisregels;
beschikbare begeleiding en zorg;
financiële voorwaarden; en
klachtrecht.
de subsidieontvanger heeft een klachtenregeling en doet jaarlijks verslag in zijn jaarverslag van het aantal klachten, de aard en de verwerking daarvan;
de subsidieontvanger voert een beleid conform de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen en geeft het college in zijn jaarverslag inzicht in de wijze waarop dit wordt uitgevoerd;
de subsidieontvanger onderhoudt contacten met omwonenden, reageert op klachten van omwonenden en neemt passende maatregelen om overlast zo veel mogelijk te voorkomen;
de subsidieontvanger verleent medewerking indien door omstandigheden het noodzakelijk is om over de voorziening met bewoners en/of belanghebbenden te overleggen en zal participeren in/ deelnemen aan de activiteiten in dat kader;
de bewoner heeft recht op inzage in het begeleidingsplan en het cliëntdossier.
**2..** De verplichtingen gesteld in het voorgaande lid onder a sub VI en onder b, c en d gelden niet voor de activiteit het bieden van kortdurende noodopvang aan Amsterdamse gezinnen.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.4
Artikel 2.4.4
Aanvullende verplichtingen met betrekking tot dag- en nachtopvang, ambulante woonbegeleiding, passantenpension en noodopvang gezinnen
Onderdeel van Subsidieverordening opvang en ondersteuning kwetsbare personen 2023