Naar hoofdinhoud

Artikel 8.

Financiële afspraken over de regionale budgetten Beschermd Wonen, Beschermd Thuis en Maatschappelijke Opvang

Onderdeel van Centrumgemeenteregeling Beschermd Wonen, Beschermd Thuis en Maatschappelijke Opvang DWO-regio (2022-2026)

1.. De centrumgemeente zet de regionale budgetten beschermd wonen/beschermd thuis en maatschappelijke opvang in voor de taken zoals beschreven in de Dienstverleningsovereenkomst (DVO) behorende bij deze regeling. Hierbij zijn de beleidsafspraken in de Regiovisie Beschermd Thuis in de DWO-regio 2022-2026, het uitgangspunt. Hierbij zet de centrumgemeente een deel van de rijksbijdrage in voor uitvoeringskosten zoals ambtelijke capaciteit. Dit deel wordt jaarlijks besproken met de regiogemeenten bij het opstellen van de begroting. 2.. De samenwerkende gemeenten hebben de intentie om de financiële uitgaven voor beschermd wonen, beschermd thuis en maatschappelijke opvang door de centrumgemeente in totaal niet boven de hoogte van de jaarlijkse regionale en lokale budgetten voor beschermd wonen, beschermd thuis en maatschappelijke opvang uit te laten komen. 3.. Bij verwachte overschrijding van de regionale uitgaven boven de inkomsten consulteert de centrumgemeente de regiogemeenten over bijstellingsmaatregelen, voorafgaand aan besluitvorming door de centrumgemeente. 4.. De centrumgemeente geeft de regiogemeenten periodiek (minimaal jaarlijks) inzage in de besteding van het regionale budget van beschermd wonen/beschermd thuis en maatschappelijke opvang. 5.. Als er na het realiseren van de prestaties en het verrekenen van de uitvoeringskosten na afloop van een kalenderjaar nog een bedrag binnen één of beide regionale budgetten resteert dan wordt door de centrumgemeente: Voor egalisatie de bestemmingsreserve beschermd wonen/beschermd thuis en maatschappelijke opvang opgehoogd tot een bedrag ter hoogte van het maximum percentage als bepaald overeenkomstig lid 6, van de totale rijksbijdragen beschermd wonen/ beschermd thuis en maatschappelijke opvang van de samenwerkende gemeenten over het afgesloten kalenderjaar; Na een bedrag ter hoogte van het maximum percentage, als bepaald overeenkomstig lid 6, van de rijksbijdragen beschermd wonen/beschermd thuis en maatschappelijke opvang van de samenwerkende gemeenten over het afgesloten kalenderjaar in het volgende kalenderjaar ingezet voor innovatie, met als doel het bekostigingsproces te verbeteren, de kwaliteit van zorg en het toezicht hierop aan te scherpen, het aanbod beter aan te laten sluiten bij de behoeften van cliënten en de doorstroom van cliënten naar lichtere vormen van zorg te bevorderen. Een voorstel voor de inzet van deze middelen wordt door de beleidsadviseurs BW-MO in het regionaal ambtelijk overleg opgesteld en voorgelegd ter goedkeuring aan het regionaal bestuurlijk overleg. 6.. De maximumpercentages genoemd in lid 5 onder a. en b. worden op voorstel van het bestuurlijk overleg DWO-regio vastgesteld door de colleges van de samenwerkende gemeenten. Als er na toepassing van stap a. en b. nog een bedrag over is, dan wordt dit op basis van een door het bestuurlijk overleg nader te bepalen verdeelsleutel verdeeld over de samenwerkende gemeenten. 7.. Als er na het realiseren van de prestaties en het verrekenen van de uitvoeringskosten na afloop van een kalenderjaar een financieel tekort is, dan wordt dit tekort door de samenwerkende gemeenten gezamenlijk gedragen. Hierbij wordt de verdeling van kosten berekend door toepassing van dezelfde verdeelsleutel als benoemd in leden 5 en 6.

Rechtspraak bij dit artikel