Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.7

Hoogte persoonsgebonden budget

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Borne 2022

1.. De hoogte van een persoonsgebonden budget: wordt bepaald aan de hand van het onder 5.4, lid 1 bedoelde pgb-plan voor zover dit het maximale tarief niet overstijgt zoals bedoeld in het derde lid; is toereikend om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede maatschappelijke ondersteuning in te kopen en; wordt bepaald aan de hand van een tot een maximum van de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate maatwerkvoorziening in natura. 2.. Het college houdt bij de vaststelling van de hoogte van een persoonsgebonden budget rekening met het feit of er sprake is van professionele ondersteuning of informele ondersteuning. 3.. De hoogte van het persoonsgebonden budget voor : een zaak (roerend of onroerend): wordt maximaal vastgesteld op het bedrag van de goedkoopst compenserende voorziening in natura bij de leverancier waarmee de gemeente een overeenkomst heeft gesloten, zo nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering of; het bedrag van de kosten volgens de door het college geaccepteerde offerte indien de gemeente voor de betreffende zaak geen overeenkomst heeft gesloten. Voor diensten: professionele ondersteuning bedraagt ten hoogste 80 procent van de kostprijs van de in betreffende situatie goedkoopst adequate voorziening in natura, of de goedkoopst adequate oplossing via de aanbieder waarmee de gemeente een contract heeft gesloten, tenzij op basis van het pgb-plan van de cliënt passende en toereikende ondersteuning voor een lager tarief kan worden ingekocht; de hoogte van het persoonsgebonden budget voor formele hulp die geboden wordt door een ZZP-er (zelfstandige zonder personeel) bedraagt 80 procent van het tarief voor gecontracteerde ondersteuning in natura, tenzij op basis van het pgb-plan van de cliënt passende en toereikende ondersteuning voor een lager tarief kan worden ingekocht; informele ondersteuning is bij het bestaan van een dienstbetrekking gelijk aan 125 procent van het laatst vastgestelde minimum uurloon, inclusief vakantiebijslag, zoals bedoeld in de Wet minimumloon en minimum vakantiebijslag voor een persoon van 21 jaar of ouder met een 36-urige werkweek. Het vastgestelde pgb-tarief blijft gedurende de looptijd van de beschikking ongewijzigd en wordt niet tussentijds geïndexeerd; Indien het op basis van lid b onder 1 tot en met 3 vastgestelde persoonsgebonden budget in een individueel geval onvoldoende is om de aangewezen maatwerkvoorziening te kunnen inkopen, wordt het tarief zodanig aangepast dat de hulp hiermee bij tenminste één aanbieder kan worden ingekocht. 4.. Het college stelt de tarieven vast in het Financieel Besluit en kan nadere regels stellen over de wijze waarop de hoogte van een persoonsgebonden budget wordt vastgesteld.

Rechtspraak bij dit artikel