**1..** Het college verleent bijzondere bijstand als de eigenaar van een door hemzelf bewoonde woning woonlasten heeft die hoger zijn dan de van toepassing zijnde basishuur.
**2..** Tot de woonlasten worden gerekend:
de hypotheekrente van de door de inwoner zelf bewoonde eigen woning;
Hierbij geldt dat alleen de rente voor de woonlasten meetelt en de eventuele aflossing niet. Tevens geldt dat alleen de rente in aanmerking wordt genomen die betaald moet worden voor de lening die bestemd is voor de woning.
rioolheffing;
afvalstoffenheffing (alleen het vaste tarief);
eigenaarsgedeelte onroerende zaakbelasting (OZB);
de premie voor de opstalverzekering;
de eventuele erfpachtcanon;
waterschapslasten (alleen de “watersysteemheffing gebouwd”).
**3..** De hoogte van de woonkostentoeslag wordt berekend volgens de systematiek van de Wet op de huurtoeslag onder aftrek van het toegekende bedrag aan renteaftrek bij de aanslag Inkomstenbelasting door de Belastingdienst en de draagkracht.
**4..** Als de totale woonlasten van de inwoner na aftrek van de belastingteruggave voor de hypotheekrenteaftrek, hoger zijn dan de op de situatie van de inwoner van toepassing zijnde huurgrens, zoals bedoeld in de Wet op de huurtoeslag, dan wordt:
de bijzondere bijstand voor de duur van maximaal twaalf maanden toegekend. Deze periode kan telkens met zes maanden worden verlengd, als en zolang de inwoner er niet in is geslaagd betaalbare woonruimte te verkrijgen, ondanks voldoende inspanningen daartoe.
aan de verlening van de woonkostentoeslag op grond van artikel 55 van de wet de verplichting verbonden de woning te verkopen en aantoonbaar actief op zoek te gaan naar een huurwoning die zonder de ontvangst van woonkostentoeslag door de inwoner te betalen is. Hierbij wordt van de inwoner in ieder geval verwacht dat hij de eigen woning voor een reële vraagprijs te koop aanbiedt. Hierbij geldt de WOZ waarde als uitgangspunt.
**5..** Wanneer de inwoner naar het oordeel van het college onvoldoende inspanningen heeft verricht om de woning te verkopen dan wel op zoek te gaan naar passende betaalbare woonruimte, dan ontvangt de inwoner een waarschuwing. Bij een herhaling van deze gedraging wordt de woonkostentoeslag beëindigd met ingang van de eerste dag van de maand volgend op de maand waarin de laatste betaling van de woonkostentoeslag heeft plaatsgevonden. Of een aanvraag voor verlenging van de woonkostentoeslag wordt afgewezen.
Hoofdstuk 7
Artikel 18.2
Woonkostentoeslag bij een eigen woning
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Borne 2022